Na een reeks positieve vragen – over inspirators, stralende ogen en fijne jeugdherinneringen – is het vandaag weer eens de beurt aan een zware dobber. “In welke situatie(s) ervaar ik spanning of problemen? Welke beperkende overtuigingen over mezelf spelen daarin een rol?”

Amai. Ben ik hier op een blog of bij de psycholoog?

Spannende situaties

Natuurlijk zijn er een heleboel situaties te bedenken die (bijna?) iedereen spannend vind, en die daardoor minder persoonlijk zijn. Online daten bijvoorbeeld. Reizen door onbekend gebied. Spookhuizen. Sollicitatiegesprekken. Enzovoorts.

Maar wie ervaart er géén stress op zulke momenten? Niet erg interessant, toch?

Daarom heb ik even nagedacht over situaties waarin een groot deel van de wereldbevolking aanzienlijk minder stress of problemen ervaart dan ik.

  • Telefoongesprekken. Geen grapje. Laat mij maar lekker langskomen, of mailen, of een appje sturen. Dat doe ik tien, misschien wel twintig keer liever dan bellen. Vooral als ik je niet of nauwelijks ken.
  • In de spotlights staan. Stiekem vind ik dat best leuk, op zijn tijd, maar ook vre-se-lijk spannend. Hoe dan ook. Want wat als ik mezelf voor schut zet? En wat als het publiek mij voor schut zet?
  • Conflicten. Het is niet bepaald uniek om in zulke situaties spanning te ervaren, maar ik voel ze vaak al aan (en schiet in de stress) nog voordat ze überhaupt begonnen zijn.

Tot nu toe heb ik deze stress-situaties gewoon geaccepteerd – “het is wat het is” – en daarom vind ik het tweede deel van de vraag erg interessant. Hoe komt het eigenlijk dat ik deze situaties spannend vind, en andere mensen niet?

Beperkende overtuigingen over mezelf

Welke onbewuste overtuigingen spelen hier een rol? Wat maak ik mezelf wijs, waardoor ik zenuwachtig word als de telefoon gaat, er een ruzie dreigt of de spotlights op mij gericht worden?

  • “Ik mag geen fouten maken.” Maar tijdens een telefoongesprek heb ik geen tijd om mijn boodschap zorgvuldig vorm te geven, én ik kan niet zien hoe iemand op die boodschap reageert. Brrrrr.
  • “Ik kan minder dan anderen.” En daarom is het een bizar slecht idee om de aandacht op mij te vestigen. Hoe minder ik eruit spring, hoe langer ‘t duurt voordat ik door de mand val.
  • “Ik ben minder waard dan anderen.” Dus als er een conflict ontstaat, krijg ik al dan niet terecht de schuld / alle shit over mij heen / iedereen tegen mij / eeuwige verdoemenis.

Deze overtuigingen hangen trouwens niet netjes één-op-één samen met de situaties, maar voor de gezelligheid houd ik dit deel graag zo beknopt mogelijk. 😉

Herkenbaar?

Twee weken geleden: “Wat is mijn eerste gelukkige herinnering?”
En de volgende keer: “Wat waren de drie gelukkigste momenten in mijn werkende leven? En privé?”


Foto: “Tensión” door Frank Eferre, licentie CC BY-NC 2.0

5 Comments

  1. Bellen is ook echt niet mijn ding! Nou bestaat mijn werk voor een groot deel uit het aannemen van de telefoon en mensen terugbellen, dus inmiddels ben ik er wel aan gewend geraakt, maar privé blijft het een dingetje. Aan de telefoon kan ik ook gewoon nooit zo goed verwoorden wat ik wil zeggen.

  2. Zeker herkenbaar, over dat bellen heb ik me al heen gezet door mijn werk. Al vind ik het nog steeds moeilijk als ik de context totaal niet ken, bv met de bouw moet ik veel rondbellen voor leveranciers enzo, maar ik weet vaak niks van die dingen af dus kan ik precies geen gerichte vragen stellen.

    1. Bij mijn vorige baan had ik mij er na een paar maanden ook overheen gezet, maar ik merk dat ik nu weer helemaal op “0” moet beginnen. :/ Omdat ik de mensen nog niet ken, en omdat ik het (inderdaad) altijd wel moeilijk zal vinden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *