Woehoe!!! Mijn 200e blogpost!

Op Wendy Weet Waarom, tenminste.

Dit is niet mijn eerste weblog, dus het aantal blogposts dat ik in totaal geschreven heb ligt wat hoger. (Hoeveel hoger? Géén idee! Van sommige blogs weet ik zelfs de naam niet meer.)

Hoe dan ook, die blogs stierven stuk voor stuk een stille dood. Nog voordat ik de tweehonderd berichten aantikte. MAAR DEZE NIET! 😀

een grote "200" met daarbij een tekening van mezelf. Ik houd een bordje op met de tekst "200 blogposts, woehoe!"

Sterker nog, Wendy Weet Waarom is levendiger dan ooit! Vooral dankzij de 40 Dagen Bloggen Challenge.

Met dit bericht erbij staat mijn teller trouwens op 29. Nog 13 dagen te gaan voor het Pasen is. Dus ’t moet lukken om de 40 aan te tikken!

Maar goed, tot zover de toekomst. Een mijlpaal als deze vraagt vooral om een terugblik. Dus ben ik even Google Analytics ingedoken. Welke van die 200 blogposts zijn (tot nu toe) het meest populair?

  1. Mijn vijf favoriete boeken
  2. Bloggers in de bloemetjes: deze vier volg ik met plezier <- deze ging hard! :O
  3. Ceci n’est pas ma vie <- een vreemde eend in de bijt
  4. Over vermoeidheid (meer moe, meest moe?)
  5. “De leukste date- en reisverhalen”: waar dapperheid goed voor kan zijn
  6. Kwetsbaarheid
  7. Wat heeft de Pietendiscussie met doofheid te maken?
  8. Je hoeft geen durfal te zijn om alleen te reizen <- mijn favoriet
  9. Wat maakt me boos of verdrietig? [25 vragen in 52 weken, deel 3]
  10. Mijn koffercapsule (10 kledingstukken, 25+ combinaties)

Ik vind dit een mooie afspiegeling van ál mijn blogposts. 🙂

Volgende week bereik ik alweer de volgende mijlpaal. Dan bestaat Wendy Weet Waarom vijf jaar! (Jep, tweehonderd berichten op vijf jaar tijd. Ik overdrijf niet als ik zeg ‘levendiger dan ooit’.)

Hoe zal ik dat vieren? Suggesties?

een rek met allerlei BodyPump-gewichten

Gratis BodyPump schema: wanneer welk gewicht?

Niet lang nadat ik startte met BodyPump – nu ruim een jaar geleden – begon me iets dwars te zitten.

Ik vond het hartstikke leuk en ik merkte al snel dat het effect had, maar ik kreeg mijn gewichten niet in orde. Niet in lijn met wat ik de instructrice hoorde zeggen.

En ik doe zulke dingen graag zoals ’t heurt.

Als we de opdracht krijgen om ons warming-up-gewicht te verdriedubbelen, dan wil ik mijn warming-up-gewicht verdriedubbelen. Maar dat kreeg ik niet voor mekaar, want bij alles dat ook maar een béétje zwaarder was dan anderhalf keer dat gewicht, hadden mijn spieren zoiets van: “Ja doei!”.

Daar komt nog eens bij dat ik tijdens het sporten mijn verstand het liefst op nul zet. Of in elk geval zo laag mogelijk. Flink zweten én goed luisteren én hoofdrekenen? Ja doei!

En dus vroeg ik me regelmatig af of het eigenlijk wel klopte, wat ik deed. Of ik mijn lichaam in de juiste verhouding aan het trainen was. Ik zag mezelf al rondlopen, met twee ontplofte bovenbenen en een paar iele armpjes daarboven. (Sexy is anders. Hoewel, ieder z’n meug natuurlijk.)

Een paar weken geleden besloot ik om die twijfels – eindelijk – eens aan te pakken.

Ik heb een schema opgesteld. Op basis van mijn eigen kennis, aangevuld met wat informatie van een Australische website.

Klik op de afbeelding voor het gratis BodyPump-schema op A4-formaat.

Ik ben heel blij met dit overzicht op papier. Eindelijk een beetje houvast. Geen rekensommetjes meer tijdens de les. Geen visioenen van mezelf met ontplofte bovenbenen en iele armpjes.

En omdat het vandaag Wereldgezondheidsdag is, dacht ik ineens, “waarom pimp ik dat schema niet een beetje, zodat ik het online kan gooien?!”.

Terwijl ik helemaal niet weet niet of er zich BodyPumpers (is dat een woord?) onder mijn lezers bevinden.

Maar goed, zo niet, dan kan dat natuurlijk nog komen. En ik had nu in elk geval een goede reden om uit te pluizen hoe ik via mijn weblog een PDF-bestand kan delen. (Blijkt hartstikke eenvoudig te zijn, maar nu weet ik dat tenminste.)

Doe er je voordeel mee. En denk erom: het is maar een richtlijn! Luister goed naar je lichaam, en til niet méér dan je aankunt.

een groen bos

Op wie ben ik jaloers? [25 vragen in 52 weken, deel 7]

Vandaag in de 25-in-52-reeks: “Op wie ben ik jaloers?”

Oei oei. Goeie vraag.

Ik ben weleens jaloers op vrouwen die even oud zijn als ik – of jonger (grmbl…) – en die op de schaal van “huisje boompje beestje” véél hoger scoren. Die al een heel huis voor zichzelf hebben. Samenwonen, of getrouwd zijn. Huisdieren. Kinderen. Dat idee.

Maar ik ben óók regelmatig jaloers op mensen die schijt hebben aan “huisje boompje beestje”. Die de wereld rondtoeren. Overal en nergens wonen. Zonder huisdieren of kinderen, maar met veel gezelligheid en voldoening.

En ja, dat zijn twee nogal verschillende richtingen. Verlangens.

Niet voor niets dat ik soms flinke afgunst voel als ik merk dat iemand anders wél duidelijk een richting voor ogen heeft. Qua levensloop en/of qua carrière.

En ik kan – tot slot – best jaloers zijn op mooie, sexy vrouwen. Knappe vrouwen die uitstralen dat ze zichzelf mooi en sexy vinden. De Scarlett Johanssons en Katja Schuurmannen (-vrouwen?) van deze wereld. Het lijkt me vreselijk vermoeiend om zo te zijn, maar ik zou er graag wat meer van willen hebben.

Als ik mijn jaloezie gebruik als richtingaanwijzer, wil ik dus sowieso verleidelijker worden. (Oehlalaaaa!)

Maar voor de rest wordt mijn koers hier helaas niet veel duidelijker van.

En jij? Op wie ben jij jaloers?

De volgende keer: “Welk gedrag werd vaak ‘afgestraft’ toen je een kind was?”
En vorige week: “Wat doe ik (minder) goed op m’n werk?”


Afbeelding: “Oviedo (XXXVIII) (Parque de San Francisco)” door José Luis Mieza, licentie CC BY-NC-SA 2.0

Over verdomd makkelijke dingen die toch heel moeilijk zijn

Waarom zijn mensen toch van die maffe gewoontedieren?

Ik wéét dat ik – net als iedereen – behoefte heb aan sociaal contact. Dat navelstaren niet goed voor me is. En dat mijn vrienden en familie, hoe druk ze het ook hebben, graag tijd voor me vrijmaken als ik hen daarom vraag.

En tóch schiet ik telkens weer in die verdomde kluizenaarsmodus als het even niet zo lekker loopt.

Keer op keer. L’histoire se répète.

Het is zo absurd dat het bijna grappig is.

En ’t is minstens even absurd hoe eenvoudig ik uit die modus kan stappen.

Door op straat naar iemand te glimlachen. Een babbeltje te maken op de sportschool. Een vriendin te appen. Samen iets te gaan drinken.

Zó simpel, en zó moeilijk!

“[…] change is as simple as choosing to give a fuck about something else. It really is that simple. It’s just not easy.”

— Mark Manson, ‘The Subtle Art of Not Giving a F*ck

Het klinkt misschien gek, maar ik moet dat soort dingen heel bewust doen.

Normaal gesproken – #gewoontedier – wacht ik namelijk tot mensen mij aanspreken. Tot iemand mij iets vraagt, of ergens voor uitnodigt. Zelf om aandacht vragen doe ik niet zo snel, want “daar zitten ze vast niet op te wachten” en “ik wil niet vervelend zijn”.

Die houding werkte prima toen sommige klasgenootjes zo’n beetje álles aangrepen om mij lastig te kunnen vallen. Maar nu leidt het vooral tot een akelig lege agenda en een hoop onnodige stress.

Want zelfs bij die doodsimpele dingen verbaas ik me over de positieve reacties. Ik spreek een onbekende aan en die babbelt vrolijk terug. Ik vraag een goede vriendin of ze iets met mij wil drinken en ze zegt gewoon ‘ja’. Geen gemene opmerkingen, geen “wat dacht je zelf?!”, geen “sorry maar ik heb geen tijd / geen zin / wel iets beters te doen”.

(Voor de mensen die denken dat het wel meevalt met mijn zelfbeeld: deze is voor jullie.)

Het is zo absurd dat ik er keihard om zou willen lachen. Maar daarvoor heeft het mij – en de rest van de mensheid – nét iets te hard in de tang.

Random Act of Kindness: Spreek zomaar een onbekende aan.


Foto: “Call Me” door Thomas Hawk, licentie CC BY-NC 2.0

Dit is mijn zoldertje [photo-log]

Mijn geliefde zoldertje komt regelmatig terug in mijn verhalen, dus laat ik er nu eens het onderwerp van maken.

Jullie krijgen een heuse rondleiding, met foto’s. (Funda is er niks bij!)

We beginnen bij de deur. Rechts van de deur – links op de foto – staat mijn beste Marktplaatsvondst ever. Ik weet niet meer of ik er 100 of 150 euro voor betaald heb, maar ik weet nog wel dat ik er gerust meer voor had willen geven.

In de hoek naast de kast heb ik een eigen keukentje. Er is ook een gedeelde keuken op de eerste verdieping, maar daar kom ik alleen als ik de oven of diepvries nodig heb. Of het dakterras. Want die heb ik zelf niet.

Met een kamer op het noorden is het goed zoeken naar planten die zich hier happy voelen. Deze orchidee, die ik kreeg toen ik hier drie jaar geleden kwam wonen, heeft er gelukkig geen moeite mee.

In de hoek tegenover de keuken staat mijn (slaap)bank. Over het zitcomfort zijn de meningen helaas verdeeld. Maar ik lig meestal op de chaise longue – duh – en op het ligcomfort heb ik niks aan te merken. ^_^

Achter de POÄNG fauteuil staat meestal wat was te drogen (lees: net zolang te hangen tot er een nieuwe was aankomt), en daarachter begint het kantoorgedeelte.

De bureaustoel wil ik nog eens vervangen door een exemplaar dat beter bij de rest past. Sowieso mist deze hoek wat kleur, vind ik, maar ik weet nog niet hoe ik dat wil veranderen.

Twee kasten die oorspronkelijk tegen de muur stonden, dienen nu als wand tussen het kantoor- en het slaapgedeelte. Dus ondanks dat het allemaal in één kamer staat, kan ik vanuit mijn bed mijn werk niet zien. En andersom. Wel zo fijn!

De donkerblauwe geverfde lambrisering heb ik vorig jaar aangebracht – helemaal zelf gedaan! – na lang wikken en wegen. Supertevreden met het resultaat.

En links van de boekenkast zit de deur. Dus hierbij komt er alweer een einde aan deze 360 graden rondleiding.

Ik hoop dat jullie ervan genoten hebben? Kijk gerust nog wat verder rond op deze weblog, en tip mij eens bij je vrienden. 😉

Heeft mijn straat een drankprobleem?

Of is dit misschien een 1 aprilgrap?

Een “cadeautje” voor de vuilnismannen?

Het resultaat van een paar feestjes? (En zo ja, hoeveel dan?)

Heb ik een buurtfeest gemist?

Hoeveel flessen passen er in deze glascontainer?

Welke viel het meest in de smaak?

Hoeveel katers zijn hieruit voortgekomen?

Waarom zou je een lege fles wijn van een kurk voorzien?

Wie heeft die witte potjes bij de groene glascontainer gezet?

Vragen, vragen…

Boekenweek 2019: mijn verlanglijstje

Aangezien ik het afgelopen jaar behoorlijk weinig boeken gelezen heb, wil ik mezelf alvast een beetje opwarmen voor het komende jaar.

En wat werkt dan beter dan een verlanglijstje?

  • Anna Karenina (Leo Tolstoy) – Staat al jaren mooi te wezen in m’n boekenkast, maar ik moet er nog steeds aan beginnen.
  • Hoe ik talent voor het leven kreeg (Rodaan Al Galidi) – Heb ik ook al een tijdje in huis. Aan mijn voorraad ligt het blijkbaar niet.
  • The Fault in our Stars (John Green) – Zo’n boek dat iedereen in de kast heeft staan, behalve ik. En ik wil onderhand ook weleens weten waar die hype rond dat bankje in Amsterdam precies vandaan komt.
  • Becoming (Michelle Obama) – “De vrouw van”, en zoveel meer dan dat.
  • De keuze: leven in vrijheid (Edith Eger) – Het verhaal van deze Auschwitz-overlevende lijkt me vreselijk heftig, maar ook inspirerend.
  • Tiny Houses (Monique van Orden) – Op zich is mijn zoldertje al behoorlijk tiny, maar het idee van een vrijstaand en verrijdbaar huisje, in een mooie omgeving… Niet verkeerd.
  • Waarom ik mensen niet in mootjes hak (Renske de Greeff) – Renske kreeg van mij een bloemetje maar haar boeken heb ik nog niet gelezen.
  • Anna in kaart gebracht (Marek Sindelka) – Lijkt mij net zo mooi als “De ondraaglijke lichtheid van het bestaan”. Maar misschien denk ik dat alleen maar omdat dit óók een Tsjechische schrijver is.
  • Taal voor de leuk (Paulien Cornelisse) – Na ‘Taal is zeg maar echt mijn ding’ en ‘De verwarde cavia’ wil ik ook graag Pauliens nieuwste boek lezen.
  • Het bestverkochte boek ooit (Sanne Blauw) – Eigenlijk hou ik meer van taal dan van cijfers – zie vorige punt – maar dit boek, over hoe cijfers ons kunnen verleiden én misleiden, lijkt me toch razend interessant.
  • Graffiti Moon (Cath Crowley) – “Lucy is in love with Shadow, a mysterious graffiti artist. Ed thought he was in love with Lucy, until she broke his nose. Dylan loves Daisy, but throwing eggs at her probably wasn’t the best way to show it.” … 😀

Dat zijn elf boeken, maar een jaar heeft twaalf maanden. Dus, welk boek moet hier nog zeker bij?

Klaar voor de zomer? (Tip: vergeet die bikini body.)

De lente is nog maar net begonnen, maar vanaf morgen komt de zomer wéér een stap dichterbij: zomertijd!

En dat betekent niet alleen ‘heerlijk lange zomeravonden’ en ‘ontregelde (biologische) klokken’, maar ook ‘de hoogste tijd om je lijf klaar te stomen voor het strand / het zwembad / je bikini’.

Gisteren viel mijn oog op een blogpost getiteld ‘How To Easily Get In Shape For Summer’. Met op de foto – uiteraard – een slanke vrouw met een puntgave huid en een teint die ik doorgaans pas tegen het einde van de zomer bereik. (Als ik keihard m’n best doe.)

En hoewel de bijbehorende tekst goed begint – “We’re big believers that any shape is ‘in shape’ “ – gaat het vervolgens al snel van “maar(!) als je deze planner koopt, en één van deze fitnessprogramma’s, en dit dieetplan, dan kun je jezelf nog nét wat verder pushen, net zoals Beyoncé en Jennifer Lopez dat doen”.

Met andere woorden: “Top als je tevreden bent met je lijf, maarreh, het kan natuurlijk nog véél beter. Dus kom hier met dat geld.”

In a society that profits from your self-doubt,
liking yourself is a rebellious act.

— uit het boek ‘DIT IS EEN GOEDE GIDS’

Terwijl we die “maar”, en alles wat daarna komt, eigenlijk zouden moeten negeren.

Waarmee ik niet wil zeggen dat je tevreden moet zijn met je lijf zoals het nu is. Dat je er geen moeite voor mag doen, en er geen geld aan mag besteden.

Volgens mij maakt het “waarom” hier heel veel uit. Ben je niet tevreden met je lijf, omdat het gemiddelde bikinimodel er heel anders uitziet? Of omdat het niet bij je past?

Om nog even terug te komen op die bleke huid van mij. Ik heb daar zelf eigenlijk niet zo’n moeite mee. De druk vanuit het schoonheidsideaal om een gebronsde huid te kweken – of een spray tan te betalen – is groter dan mijn eigen motivatie om daar veel tijd en/of geld aan te besteden.

En dan kan ik de hele zomer lang denken: “…maar mijn huid is te bleek.” (En da’s niet oké, dus misschien moet ik toch dit of dat kopen? En als iemand een foto maakt, snel wegduiken.)

Of ik kan denken: “F*ck it, ik ben hier best tevreden mee.”

Ben jij al klaar voor de zomer?

12 x om dankbaar voor te zijn

Ik voel mij een beetje zuur, de laatste tijd.

Ik wil dat niet negeren, of de schone schijn ophouden. Maar ik heb óók geen zin om mijn weblog een wrange smaak te geven. Zonder dat daar op zijn minst iets zoets tegenover staat.

Daarbij leidt die negatieve energie me serieus af van de dingen die wél goed gaan. Van alles waar ik wél blij mee ben.

Zoals dit, bijvoorbeeld.

  1. De winter, en dan vooral dat ‘ie ook weer voorbij gaat. Exit gluhwein, enter terrasweer.
  2. IJssalons die in maart hun openingstijden verruimen.
  3. Stadsparken.
  4. De mogelijkheid om er af en toe eens tussenuit te knijpen.
  5. De uitvinding van GPS. En van de TomTom, en van Google Maps, enzovoorts.
  6. Dat ik – nog geen week na een terloopse opmerking over een pannenkoekplant – een pannenkoekplant in huis heb staan.
  7. Mijn familie en vrienden.
  8. Dat ik kan lezen. En schrijven. En typen.
  9. Een WW-uitkering. (Ja, ik krijg er een punthoofd van, maar zonder inkomsten zou ik nu nog veel meer afzien.)
  10. Mooi weer vandaag.
  11. Dat ik genoeg tijd heb voor ommetjes. En voor 40 Dagen Bloggen. (#omdenken)
  12. Die dingen die voor mij zó vanzelfsprekend zijn dat ik er bijna nooit bij stilsta. Zuurstof. Zwaartekracht. Vrede. Dat soort zaken.

Random Act of Kindness: Maak een ommetje. Neem de omgeving eens goed in je op.

Boekenweek 2019: deze vijf boeken raad ik aan!

Het afgelopen jaar heb ik niet veel boeken gelezen – tsssss – maar toch genoeg om vijf mooie titels met jullie te kunnen delen.

1. The Unbearable Lightness of Being – Milan Kundera

‘The unbearable lightness of being’ (Nederlandse titel: ‘De ondraaglijke lichtheid van het bestaan’) is een heuse klassieker.

Dit boek heb ik in een moordend tempo uitgelezen. Deels uit noodzaak – ik heb het boek van iemand geleend toen ik in Macedonië was – maar vooral omdat het verhaal me volledig in beslag nam.

Een boek om je tanden in te zetten.

2. The Curious Incident of the Dog in the Night-Time – Mark Haddon

‘The curious incident of the dog in the night-time’ – over een autistische jongen die een mysterie oplost – stond al jaren op mijn lijst met boeken die ik graag wou lezen. En terecht, zo bleek.

Een boek dat een beroep deed op bijna al mijn emoties, én mijn lachspieren. Prima leesvoer voor in een park.

3. The Subtle Art of Not Giving a F*ck – Mark Manson

Een boek om cadeau te geven aan je vriend(in) die 30 wordt. En aan jezelf.

Lees ook: “Vijf lessen uit The Subtle Art of Not Giving a F*ck”

4. DIT IS EEN GOEDE GIDS – Marieke Eyskoot

De titel zegt het eigenlijk al. Dit is eerder een gids (of een keukentafelboek) dan een normaal boek. Natuurlijk kun je het in één keer van voor tot achter uitlezen, om er vervolgens jarenlang niet meer in te kijken, maar dan mis je een hoop.

Nee, daarvoor bevat dit boek deze gids te veel goede, bruikbare informatie en handige adresjes voor mensen die willen weten wat goed is (als in: duurzaam, sustainable, fair trade, etc.) – en wat niet.

5. Hoe word je ALLES? – Emilie Wapnick

Om heel eerlijk te zijn ben ik ‘Hoe word je ALLES?’ nog aan het lezen. (Nogmaals bedankt, Irene, voor de tip.)

Maar als je – net zoals ik – moeite hebt om één duidelijke richting aan te nemen en te houden, qua carrière, dan vind je dit boek waarschijnlijk – net zoals ik – heel tof.

Of bekijk eerst even de TED-talk van Emilie, om te horen of je jezelf in haar verhaal herkent.

Hopelijk heb ik volgend jaar een iets grotere voorraad boeken om uit te putten. En staan er dan niet wéér vier namen die met een “M” beginnen. (Ik heb namelijk helemaal geen “M” in mijn naam, en ik wil ook eens in zo’n rijtje staan. Ooit.)

Welk boek spreekt jou aan? En wat zijn jouw favorieten van het afgelopen jaar?

(Als je een boek koopt via de links in deze blogpost, ontvang ik een klein percentage van de opbrengst. Dat kost jou niets extra’s. Ik ben niet betaald om deze blogpost te schrijven, en ik raad alleen boeken aan die ik met veel plezier gelezen heb. Ook krijg ik geen gegevens door van eventuele kopers. Wat jij met deze informatie doet, is – zoals altijd – geheel aan jou.)