“Wat is je missie?”

Van alle vragen die de directeur mij tijdens dit voortgangsgesprek had kunnen stellen, koos hij er eentje die ik absoluut niet had zien aankomen.

“Eh, mijn missie?”
“Ja, jouw missie.”
“… Geen idee.”

We gingen er nog wat op door, maar ik moest hem het antwoord schuldig blijven. Gelukkig vonden we niet veel later een ander onderwerp, waar ik wél iets zinnigs over kon zeggen. Die ene hobbel op de weg had geen totale nitwit van mij gemaakt.

De directeur dacht er ook zo over, maar toch kreeg ik een opdracht mee naar huis: ik moest mijn missie alsnog achterhalen en die zo snel mogelijk naar hem mailen. Niet naar zijn secretaresse – tot dat moment verliep al het contact via haar – maar naar hem. Met andere woorden: het deed ertoe.

En zo werd een schier onmogelijke opgave – het “waarom” van mijn floepige leven ontdekken – ineens top priority.

Om antwoord te kunnen geven op die “waarom”-vraag, besloot ik eerst iets anders uit te pluizen: “hoe”. Hoe vind ik mijn missie? Als ik dat zou weten, en ik zou alle instructies netjes opvolgen, dan zou ik haast vanzelf bij mijn missie uit moeten komen. Vergelijk het met schatzoeken. Op goed geluk een pot met goud vinden is knap lastig, maar met de schatkaart in handen…

Met behulp van de meest geavanceerde schatkaart ooit – Google – vond ik al snel een goede “hoe”. Niet te vaag, niet te kort door de bocht… Hier kon ik wat mee.

Twee weken later stuurde ik de directeur een berichtje, dat ik mijn missie had opgespoord. Het doorlopen van alle stappen – lijsten maken, selecteren, samenvatten en daar tot slot één kloppend(!) antwoord uit halen – had me behoorlijk wat tijd gekost, maar toch… Op deze manier was het vinden van mijn missie lang niet zo onmogelijk als ik van tevoren gedacht had.

Een Reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *