De dagen worden langer, mijn contract loopt eind augustus af, de safari in Afrika dateert alweer van een half jaar geleden, en zelfs als dat allemaal niet waar zou zijn: hoog tijd om een nieuwe reis te plannen!

De eerstvolgende trip staat trouwens al gepland – Dublin, het weekend van Koningsdag – maar die telt eigenlijk niet. Het was namelijk niet mijn idee om naar Ierland te gaan – ik stelde voor om de trein te pakken, de anderen gingen liever vliegen, dus we gaan vliegen. (Daarmee lag mijn goede voornemen om in 2018 hooguit twee keer het vliegtuig te pakken, meteen aan diggelen, want de teller staat straks op ‘3’.)

Daarbij vind ik weekendjes weg niet te vergelijken met een langere reis. Mijn bezoekje aan Berlijn en Wroclaw, in januari, maakt dus ook niet dat ik het plannen van de volgende vakantie nog even wil laten. Toen heb ik – uit milieuoverwegingen – de trein naar Berlijn gepakt, een dag later de bus naar Polen, en twee dagen later – uit tijdsoverwegingen –  het vliegtuig terug naar Eindhoven.

Kortom: we zijn nog niet eens halverwege 2018 en ik heb mijn vliegtuig-voornemen er al volledig doorheen gejast…

En daarmee heb ik niet alleen de wereld een beetje naar de verdoemenis geholpen, maar het mezelf ook een stuk lastiger gemaakt als het op die verre reis aankomt.

Niet dat ik me daardoor laat ontmoedigen, trouwens. Reizen per trein had toch al mijn voorkeur en door over land te reizen, wordt een reis automatisch langer. Daar hoef je niet eens moeite voor te doen: het kost gewoon verrekte veel tijd. En geld trouwens ook. Vandaag in de Volkskrant: je kunt naar Barcelona vliegen in twee uur tijd, voor 65 euro, of elf uur treinen voor €289,-… Tja, zo gaat ons klimaat het nooit winnen natuurlijk.

Maar goed. Met de hoeveelheid beschikbare tijd in het achterhoofd – begin augustus vrij, 21 september een bruiloft – en een aantal “prikken” op de landkaart – Belgrado, Macedonië, Roemenië en de Bermuda Wroclaw/Praag/Berlijn-driehoek – was de eerste ruwe schets vrij snel gemaakt.

Daarna begon het echte puzzelen. Hoeveel “stops” passen er binnen de tijd? Liggen die niet te ver uit elkaar? Is het überhaupt mogelijk om een beetje relaxed van A naar B te komen? En zo ja, wat gaat me dat ongeveer kosten? Zijn er goede hostels ter plaatse, met een gedeelde keuken? En wat vragen zij per nacht? En toen ik dat allemaal uitgedokterd had, restten er twee belangrijke vragen: hoeveel geld heb ik ongeveer nodig voor deze reis, en heb ik dat ervoor over?

In dit geval viel het eindbedrag vrij hoog uit, maar gelukkig niet zó hoog dat het hele plan meteen in elkaar stortte. Met een beetje verstandig boeken en een beetje bin zuunig kom ik er wel.

Wat het vervoer over land betreft, trouwens: die kostenpost valt me alles mee! Volgens mijn informatiebronnen kan ik voor ongeveer 400 euro helemaal rondtoeren. Dat kost nog altijd meer dan een retourtje Skopje vanaf Eindhoven Airport, maar dan krijg je er wel iets heel vets voor in de plaats, als je het mij vraagt…

En dus kan de volgende fase, die van de boekingen en de voorpret, beginnen!

Foto: “zonsopgang bij Lake Nakuru” (all rights reserved)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *