Dankzij het internet, social media, de vrijheid van meningsuiting en “open to non-monogamy” datingprofielen kan het soms lijken alsof we tegenwoordig té open zijn.

Maar een perfect gestileerde foto van je woonkamer op Instagram gooien, of openstaan voor een nieuwe relatie (of scharrel) is géén openheid. Althans, niet hetzelfde soort openheid als wanneer je iemand een blik gunt in je leven op de momenten dat je woonkamer verdomd veel wegheeft van een zwijnenstal. En je liefdesleven eigenlijk ook.

Je moet helemaal niks

Voordat ik verder ga, wil ik je één ding op het hart drukken. Je moet helemaal niks.

Er zijn een paar uitzonderingen op die regel te bedenken – sollicitaties bijvoorbeeld* – maar in principe hoef je niemand iets te vertellen over de problemen waar jij tegenaan loopt. Je beperking(en). De dingen die je liever anders zou zien. Er bestaat immers niet voor niets zoiets als het recht op privacy!

Dus, geen behoefte om dat ene verhaal met de wereld te delen? Prima.

*Als je beperking van invloed gaat zijn op je werk, dan ben je verplicht om de werkgever daarover te informeren vóórdat je het arbeidscontract ondertekent. (Dus niet per se al bij het eerste gesprek!)

Verras de wereld – en jezelf

Maar hoe vaak houd je bepaalde informatie voor je, terwijl je er eigenlijk juist vanaf wil? Of terwijl je best wat advies over dat onderwerp zou kunnen gebruiken? Of gewoon een luisterend oor?

Ik maak me daar ook schuldig aan, hoor. Zo houd ik de boodschap “ik ben slechthorend” in principe geheim, als ik nieuwe mensen leer kennen. Die komen daar dan pas na een tijdje achter, of niet. Alleen als het echt niet anders kan – in een rumoerige situatie bijvoorbeeld – gooi ik die informatie meteen in de openbaarheid. En eigenlijk zou ik dat vaker moeten doen.

Want de reacties zijn nooit zoals ik denk dat ze gaan zijn. Het levert mooie, originele gesprekken op. En interessante vragen.

Denk dus alsjeblieft niet te snel dat de wereld totaal niet op jouw probleem zit te wachten. Dat de meeste reacties stom, vervelend of zelfs ronduit gemeen zullen zijn. Of dat ze je een aansteller zullen vinden.

En natuurlijk valt het ene onderwerp makkelijker te bespreken dan het andere. Hoe groter het taboe, hoe moeilijker het wordt. Maar ook dan – juist dan? – lijkt het mij goed om het niet steeds maar weer weg te slikken. En het in plaats daarvan te delen met een vertrouwenspersoon, een psycholoog, of desnoods met een dagboek.

Een pleidooi voor meer openheid

Vroeger dacht ik dat als ik maar hard genoeg probeerde om bij een groep te horen (en mijn eigenaardigheden aan de kant te schuiven), dat ik dan op den duur vrienden zou maken. Maar zo werkt het blijkbaar niet.

Als je jezelf laat zien zoals je bent, komen er min of meer vanzelf echte vrienden naar je toe.

En niet alleen vrienden, maar ook mogelijkheden. Verhalen van mensen die in hetzelfde schuitje blijken te zitten. En, lest best, het besef dat je blijkbaar goed genoeg bent. Want juist door (af en toe) open te zijn over je imperfecties, geef je ruimte en lucht aan jezelf. Je volledige zelf. Ook al lijkt dat soms vreselijk onverstandig in deze “perfecte” wereld.


Foto: “OPEN” door Tom Magliery, licentie CC BY-NC-SA 2.0

8 Comments

  1. Wat een mooi artikel. Ik ben zelf erg voor openheid (op sociale platformen/mijn blog) omdat ik denk dat we best eerlijk mogen zijn over dat het leven niet perfect is. Maar dit moet je doen zolang je je hier goed bij voelt; en inderdaad, geen dingen delen die je niet wil delen. We hebben allemaal nog steeds recht op privacy.

  2. Je hebt helemaal gelijk! Ik ben ook best een open boek, denk ik. Ik vind het ook altijd erg fijn dat mensen die op het eerste gezicht helemaal niet zo op me lijken, ineens tóch met dezelfde dingen blijken te worstelen (ik heb volgens mij nogal ‘universele’ issues ;-)) Bij fysieke of psychische beperkingen is dat natuurlijk wel lastiger. Daar zal het voor een deel ook te maken hebben met hoe je het zelf hebt ‘verwerkt’.

  3. Wat een prachtig artikel. Ik pleit ook voor openheid, maar ben met je eens dat ieder voor zichzelf de grens moet bepalen. Voor zichzelf hè, dus niet voor een ander, want daar zijn we ook vaak goed in;).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *