“Groots met een zachte G” (2018) – wat ik ervan leerde

Ja, tijdens een “Groots met een zachte G” concert kun je heel wat opsteken – ook wanneer je (zoals ik) al vier keer eerder geweest bent. Wat ik ervan geleerd heb: Dat lijstje met de vijf leukste nummers is ook maar een momentopname. (Hoe kon ik “Toen Ik Je Zag” in godsnaam vergeten?!) Je mag een gegeven paard natuurlijk niet in de bek kijken, maarreh, een …

De leukste nummers van Guus Meeuwis (volgens Wendy)

Dinsdag ga ik voor de vijfde keer in mijn leven naar een “Groots met een zachte G” concert. Dus, om alvast een beetje in de stemming te komen, hier een lijst met (volgens mij) de vijf leukste nummers van Guus Meeuwis. 1) “Per Spoor (Kedeng Kedeng)” Van alle albums die Guus Meeuwis uitgebracht heeft, vind ik de eerste veruit de leukste. Een kwestie van jeugdsentiment, plus …

Shut Up and Dance

Afgelopen weekend was ik voor mijn doen verbazend dichtbij huis op vakantie. Een paar trainees wilden namelijk een weekendje weg organiseren, en wie ben ik om daar “nee” tegen te zeggen? Dus tegen de tijd dat de bestemming eindelijk bekend gemaakt werd – Overloon – had ik al volmondig “ja” gezegd… Tja. Toch bleef ik positief. Een retourtje Overloon is een stuk duurzamer dan een vakantie …

Beste Agnieszka,

Bij deze wil ik je bedanken. Bedankt voor de feestjes op zaterdagmiddag. Ze zijn stuk voor stuk geweldig, zelfs in januari. En je gaat zó tekeer, dat mijn misstappen niet opvallen. Bedankt dat je geen woord zegt, want ik zou je waarschijnlijk niet verstaan – en me dom en doof voelen – als je dat wel zou doen. (En waarom zou je überhaupt praten, als je …

Drie nummers

Ik heb vaker zin om te schrijven, dan een goed verhaal om te schrijven. Te privé, te saai, te lang, te ingewikkeld… Met als gevolg dat er geen enkel woord op het scherm verschijnt, en dat maakt de druk om iets te schrijven alleen maar groter. Dus besloot ik onlangs een lijst met schrijfopdrachten te downloaden. Eén van de eerste opdrachten luidde als volgt. Schrijf 15 …

Tijd

Zowel hier als in Nederland tikken de klokken gestaag door. Mijn on-arrival training in Warschau zit erop en de afgelopen dagen was ik in het noorden van Polen; zonnestralen vangen aan de Baltische kust. De nacht van zaterdag op zondag heb ik niet geslapen, omdat daar simpelweg geen tijd voor was. Het kost me (kortom) behoorlijk veel moeite om de tijd hier bij te benen – …

Berlijn

Het is één van mijn favoriete testjes: ‘Hoe Lang Duurt Het Voordat Iemand Mij In Een Stad De Weg Vraagt?’ Bij gebrek aan een bondige naam; die heb ik nog niet bedacht.

Iemand een voorstel, misschien?

Het werkt als volgt: hoe langer het duurt voordat iemand je aanklampt om de weg te vragen, hoe minder je blijkbaar overkomt als iemand die in die stad thuishoort. Of hoe minder het karakter van de stad bij jouw uitstraling past.

En vooral dat laatste vind ik interessant. Zal wel iets te maken hebben met het feit dat ik ben opgegroeid in een klein gehuchtje, waar ik me vaak niet helemaal op mijn plaats voelde.

Aangezien worden voor een goed geïnformeerde local, geeft richting aan de vraag: ‘welke plaats past wél helemaal bij mij?’.

Amsterdam is een prachtige stad, maar het is nooit MIJN stad geweest. Niet omdat ik er nooit gewoond heb, maar omdat de stad mij niet goed past. Te veel Engelse toeristen per vierkante kilometer, te Hollands…

Toch duurde het in Amsterdam maar een paar weken voordat iemand mij de weg vroeg.

Ter vergelijking: in Antwerpen – de ‘wereldstad’ die het dichtst bij mijn gehuchtje ligt – werd mij pas enkele jaren geleden voor het eerst én meteen ook voor het laatst de weg gevraagd.

Die dag had ik mij heel bewust zo Antwerps mogelijk gekleed. Met resultaat, gelukkig. Blijkbaar ken ik Antwerpen wel een beetje, maar ik ben het absoluut niet.

Er is één stad die mij echt als gegoten zit, als ik op de oordelen van anderen af kan gaan.

Tot nu toe behaalde ik nergens zulke bizar goede testresultaten als in Berlijn. Nog geen tien minuten nadat ik voor het eerst voet had gezet op Berlijnse bodem, werd mij al om de weg gevraagd.

In het Duits, nota bene.

En ik stond op het treinstation, met een koffer. (Het was dus héél logisch om mij voor een toerist aan te zien. En toch.)

Dit weekend ben ik voor de vijfde keer in Berlijn.

Vijf bezoekjes waarin mij al minstens vier keer om de juiste weg, U-bahn of S-bahn gevraagd werd. Een ongekend hoog gemiddelde.

En ik snap het niet helemaal want ik herken mezelf niet echt in het imago van Berlijn. ‘Immer zu werden, niemals zu sein‘? ‘The greatest cultural extravaganza that one could imagine‘? ‘Arm aber sexy‘? 

Hm. Ik weet het niet.

Maar fijn vind ik het hier wel.

Zeker

Het is me gelukt!! Ik heb een scriptie geschreven, ingeleverd en verdedigd! Boomshakalaka!

De afgelopen weken stonden vooral in het teken van feestvieren, ontspannen, vakanties plannen en… piekeren over de toekomst. Want: WAT NU?! Ideeën te over. Eindelijk, ein-de-lijk kan ik weer iets nieuws beginnen. Maar hoe goed en fijn dat ook is: ik mis de zekerheden en de beperkingen van het studentenleven nu al. Enorm.

De gedachte dat ik na december niet alleen mijn studentenleventje, maar ook mijn baan kwijt ben, vind ik heerlijk én verschrikkelijk tegelijkertijd. Wat moet ik doen met al die vrijheid? Iets nieuws leren? Zo ja, wat dan? Of moet ik me focussen op een nieuwe baan? Of zal ik toch mijn koffers pakken? Ik roep al maanden dat ik in januari naar Polen vertrek, voor minstens een half jaar, maar wil ik dat eigenlijk wel? En waar komen deze twijfels opeens vandaan? Uit een algemene angst voor het onbekende, of uit weerzin tegen de ideeën op zich? Als je zoveel keuzes kunt maken, hoe maak je dan in vredesnaam de juiste?

Vandaag staan mijn twijfels in een ander, marginaliserend licht. Vandaag staat Nederland stil bij een vliegramp die aan 298 mensen het leven kostte. Ideeën over wat ‘zeker’ is en wat niet staan volledig op hun kop, nu een heleboel schijnbare zekerheden, van de inzittenden en hun nabestaanden, zijn weggevaagd. Die gedachte maakt me angstig, verdrietig en boos. En tegelijkertijd, omdat ik gelukkig niemand uit mijn directe omgeving verloren ben, maakt de ramp vreemd genoeg een rustgevend besef in me los. Het besef dat goede, leuke beslissingen later alsnog helemaal verkeerd uit kunnen pakken, en vice versa. We denken vaak dat we alles tot in detail kunnen regelen, en dat we daar genoeg tijd voor hebben, terwijl we voor het gemak vergeten dat er eigenlijk maar weinig zekerheden zijn.

En juist daarom moeten we verder, blijven lopen, keuzes blijven maken, zolang het kan. En niet teveel piekeren. Want één ding staat echt vast. Uiteindelijk gaan we allemaal ‘met de neus umhoeg’.