Dag 14 – Huiswaarts

De avond voor mijn vertrek trakteerden twee Sloveense kamergenootjes mij op een Kroatisch biertje, uit de supermarkt, waarna we gezellig met zijn drietjes en later viertjes (toen een Zuid-Koreaans kamergenootje ook bij ons kwam zitten) hebben zitten kletsen op het dakterras van het hostel. Een gezellige afsluiting van de vakantie, en een mooie gelegenheid om de pistachenoten die ik in Split gekocht had op te maken, al maakt zo’n warme zomeravond het ook vervelender om weer naar huis te moeten…

’s Ochtends kon ik alles op mijn gemakje inpakken, want ik hoefde het hostel pas tegen 11 uur te verlaten. Er was dus meer dan genoeg tijd om te ontbijten, een paar broodjes te smeren voor onderweg en afscheid te nemen van mijn leuke kamergenootjes. Adijo, bye bye!

De terugreis verliep bijna volledig volgens plan. Bijna. De shuttlebus naar het vliegveld van Dubrovnik zou volgens het hostel om 11:20 uur vertrekken, maar in de ticketshop beweerde de verkoopster dat die bus om 11:00 uur al vertrokken was. Waardoor ik even bang was dat ik de bus gemist had, maar gelukkig kwam er om 11:10 uur een (andere?) bus voorbij, waar ik met mijn buskaartje ook gebruik van mocht maken. Ach ja, de logica was misschien ver te zoeken, maar uiteindelijk stond ik vroeger op het vliegveld dan gepland. Zo kan het dus ook.

Geen gemiste vluchten of vertragingen deze keer. Althans, niet voor mij. De vlucht van Dubrovnik naar Zagreb had weliswaar een kwartier vertraging, maar ik had in Zagreb meer dan genoeg tijd over om mijn vlucht naar Amsterdam te halen.

Onderweg, in de lucht, heb ik trouwens niet veel meer gezien dan wolken. Mistwolken, wattenwolken, deegwolken… Wolken in allerlei vormen, maar toch zo dicht op elkaar dat ik het landschap onder mij nauwelijks kon zien. Waardoor ik het ene moment nog onder de palmbomen liep, door een mediterrane stad, en ongeveer acht uur later stond ik ‘plotseling’ weer terug op Hollandse bodem. Au.

Al met al vond ik deze reis iets minder gaaf dan mijn vorige reis. Dat kon ook bijna niet anders, want nu was het minder ‘nieuw’ en spannend dan de eerste keer dat ik alleen op vakantie ging. Bovendien duurde die reis een week langer en stonden er toen bestemmingen op mijn lijstje die niet voor niets de voorkeur kregen boven Slovenië en Kroatië.

Maar de ervaringen van toen hebben er ook voor gezorgd dat ik deze keer beter wist in wat voor soort hostels ik me thuis voel, welke spullen ik wel en niet in mijn koffer moet stoppen en hoe ik mijn tijd en geld het liefst besteed. Bovendien vond ik de minst toeristische bestemmingen van deze reis (Ljubljana en Zagreb) juist vanwege hun onopvallendheid een bepaalde charme hebben. Deze plaatsen kwamen nu beter tot hun recht dan wanneer het slechts tussenstops geweest zouden zijn, voor één nachtje, op weg naar Boedapest, Wenen of een andere toeristische hotspot… Dus: minder gaaf, maar daarom zeker niet minder plezant.

Toch zijn er ook zeker dingen die ik een volgende keer anders aan wil pakken. Met stip bovenaan: “altijd 2 uur van tevoren op een vliegveld zijn”. Al heb ik tijdens deze reis ook ontdekt dat reizen met het vliegtuig mij eigenlijk te snel gaat, dat ik het leuker vind om de omgeving van dichtbij langzaam te zien veranderen.

Gelukkig kun je als reiziger nooit volleerd zijn. In mijn hoofd borrelen nu alweer ideetjes voor een volgende keer.

(Als jullie vragen hebben over een bepaalde bestemming, of op zoek zijn naar tips: laat het me weten.)

Dag 13 – Niet te filmen

Laatste dagje! En eigenlijk vind ik dat helemaal niet zo erg, want na één dagje heb ik het hier wel gezien. Hoe ongelooflijk mooi Dubrovnik ook is, en hoe leuk ik het hostel ook vind, het valt niet mee om hier met een beperkt budget een dag op te vullen. Vergeleken met steden als Nice en Monaco zal Dubrovnik vast goedkoop zijn, maar voor mij is het dat niet. Daarbij kun je het historische Dubrovnik makkelijk op één dag zien.

Vergeet trouwens wat ik geschreven heb over massatoerisme in Split. Toen had ik nog geen cruiseschepen met honderden kamers in een kleine haven zien liggen en geen file van touringcars gezien. Maar misschien had ik kunnen weten dat de Lonely Planet (een Amerikaans product) een ander beeld heeft van ‘veel’ en ‘groot’ dan ik…

En ik kan het al die touroperators echt niet kwalijk nemen dat ze allemaal uitgerekend dit ene stadje aandoen. Dubrovnik wordt met recht een ‘parel’ genoemd.

Vanmorgen heb ik door de stad gewandeld, ’s middags heb ik de schaduw opgezocht en ’s avonds heb ik voor 100 Kuna (ca. 14 Euro) een ticket gekocht om over de stadsmuren te mogen lopen, helemaal rondom het oude Dubrovnik. Ook op die muren wemelt het trouwens van de toeristen, daar is geen ontkomen aan.

’s Morgens liep ik door een straatje waar twee Amerikanen op dat moment strengen klimop aan een houten balk bevestigden met behulp van een nietpistool. Juist ja. Op dat moment dacht ik dat het om twee opportunisten ging die hun droom (‘een romantisch barretje in Dubrovnik’) op typisch Amerikaanse wijze aan het verwezenlijken waren, maar later, op de stadsmuur, zag ik schuin onder mij ineens een filmdecor verschijnen. Wat blijkt nou: Game of Thrones is in da house! Deze wereldberoemde tv-serie (waarvan ik nog geen enkele aflevering gezien heb) wordt onder andere opgenomen in Kroatië, en Dubrovnik dient dan vaak als decor voor King’s Landing.

Dus na mijn rondje over de stadsmuur heb ik ook nog door een bij voorbaat al beroemd filmdecor gewandeld. Omdat het kon: waarschijnlijk sluiten ze de straten in kwestie pas af op het moment dat er daadwerkelijk gefilmd wordt. Ik mocht zelfs foto’s maken, wat op zich wel handig was aangezien ik een heleboel afleveringen zal moeten bekijken vooraleer dit decor voorbijkomt.

Dubrovnik

Dubrovnik, gelegen onder de berg Srđ, wordt als een van de mooiste steden van de Adriatische kust beschouwd en daarom ook wel de ‘Parel van de Adriatische Zee’ genoemd. De oude, compleet ommuurde vestingstad van Dubrovnik staat op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO.

De oude haven werd al gebruikt toen de Levantijnen hier in de 7e eeuw binnenvoeren. De vele roodgedakte patriciërshuizen en paleizen stammen uit de 17e eeuw. Door de hele stad zijn vele fonteinen aangelegd (Onofrio-fontein) die hun water, dat door 16 reservoirs wordt geleid, alle krijgen van bergbronnen.

In 1776 was Ragusa (de vroegere naam van Dubrovnik, destijds een stadsstaat) de eerste staat die de jonge Verenigde Staten van Amerika erkende

Er zijn veerdiensten tussen Dubrovnik en andere steden aan de Adriatische Zee, zoals Bari en Ancona in Italië alsmede de Kroatische havensteden Rijeka, Zadar en Split.

Tijdens de Kroatische onafhankelijkheidsoorlog, in 1991, werd het historische centrum door het Joegoslavische leger vanuit de bergen beschoten en zwaar beschadigd. Na de oorlog werd het gebied een Kroatische exclave, dat los kwam te liggen van de rest van het Kroatische grondgebied doordat de kustplaats Neum onder Bosnisch bestuur kwam.

Bron: Wikipedia

Dag 12 – Water en een villa

Ik weet het nu zeker: tien uur lang op een boot verblijven vind ik stukken minder vervelend dan tien uur lang vastzitten in vliegtuigen en op vliegvelden.

Vanmorgen trok ik om kwart voor zeven de deur van het hostel achter mij dicht. Qua faciliteiten een dikke pluim voor dit hostel, vooral voor de bedden, maar ik zou de ‘gemeenschappelijke keuken’ eerder een ‘gemeenschappelijke kitchenette’ noemen, en de douches zaten onhandig in elkaar. Je moest steeds een knop indrukken voor 20 seconden water en ondertussen zelf de douchekop vasthouden. Ook de douches in Ljubljana werkten met een drukknop, beide onder het mom van ‘waterbesparing’, maar zolang je diezelfde knop niet kunt gebruiken om het water te stoppen en steeds opnieuw op de knop kunt drukken, zonder limiet, wordt er volgens mij meer water verspild dan bespaard. Maar goed. Toch zal ik dit hostel in Split waarschijnlijk snel vergeten. Weinig karakter, weinig gezelligheid.

Vanaf zeven uur kon ik mijn boarding pass ophalen en daarna mocht ik gelijk doorlopen naar de kade waar de veerboot aan zou meren. Al snel kwam de ‘Liburnija’ in zicht, een groot schip dat in tien uur van Split naar Dubrovnik zou varen, met een aantal tussenstops tussendoor.

(Er rijden ook bussen tussen Split en Dubrovnik, maar die rijden een stukje over Bosnisch grondgebied en ik weet niet zeker of ik daar met mijn ID-kaart doorheen mag rijden. Bovendien vind ik varen gewoon veel leuker. Er vaart trouwens ook een snellere dienst tussen beide steden, die er maar vijf uur over doet, maar daar kwam ik net te laat achter.)

Onderweg naar Dubrovnik heb ik lekker in het zonnetje gelegen, de boot van boven tot onder verkend, wat gelezen, maar vooral zomaar wat voor me uit gestaard. Ik heb me bedacht. Ik kan me best thuis voelen in deze streek… vanaf het water. Zet mij maar op een boot. Een lekker briesje, af en toe een paar druppels zeewater in mijn gezicht… Top. Op zulke momenten vraag ik me serieus af wat mijn voorouders ooit bezield heeft om noordelijker gelegen gebieden op te zoeken. Minder zonlicht! Minder warmte! Que?!
Alleen jammer dat de zee nauwelijks golfde en dat ik de boot moest delen met een mut gepensioneerden. Dat deed toch een beetje afbreuk aan mijn zeevaarders- en piratenfantasieën.

Nu zit ik in de gemeenschappelijke ruimte van ‘Villa Angelina’, wat in tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden gewoon een hostel is. Net zoals ik in de ‘Villa Lila’ woon in plaats van in een paarse studentenflat.
Maar in tegenstelling tot hostel ‘Tchaikovski’ – volgens mij heb ik een voorkeur voor dure namen – heeft dit hostel wél veel karakter. Vooral het keukentje vind ik prachtig. Ik vermoed dat het keukenblok alles bij elkaar zo’n zes vierkante meter groot is, maar daarin staat en hangt werkelijk álles wat een gemeenschappelijke keuken nodig heeft. Een koelkast, een oven, een magnetron, een kookplaat, een gootsteen, keukenkastjes, afdruiprekken, kruidenrekjes, theedoeken… Je kunt het zo gek niet verzinnen of het staat/hangt/ligt wel ergens. Waardoor er nog maar een paar vierkante meter overblijft om te staan, en die meters moet je meestal delen met minstens één andere gast. Probeer dan maar eens niet met elkaar in gesprek te raken.

Van Dubrovnik heb ik nog maar weinig gezien, behalve dan dat de oude binnenstad volledig uit smalle steegjes en steile trappen lijkt te bestaan, met uiteraard hele oude huisjes aan weerszijden van elk steegje of trapje.

En nog een bevinding: hostelmannen zijn leuk. Dan heb ik het niet over de mannelijke gasten, maar over de mannen die de tent draaiende houden. In Bled, Zagreb én hier loopt minstens één hostelman rond waarvan ik denk: “Zo zo…” Pluspunt: ze weten precies wat ze moeten zeggen. Minpunt: ze weten precies wat ze moeten zeggen. Afblijven dus!

Nog maar twee nachtjes vakantie vieren en dan ben ik weer thuis (tenzij ik mijn vliegtuig mis).

Dag 11 – Schuurpapier

Vanmorgen werd ik wakker met een beetje schuurpapier in mijn keel, en naarmate de dag vorderde kwam daar steeds meer schuurpapier bij. Het liefst zou ik nu bij de Konzum-supermarkt in deze straat een pot honing kopen en die in één keer achterover kappen. Maar aangezien ik morgenochtend al om half 8 op de boot naar Bodrum Dubrovnik moet zitten, kan ik maar beter nog een Strepsil nemen en op tijd gaan slapen…

Na 2 uur vanmiddag heb ik niets bijzonders gedaan, uit gezondheidsoverwegingen, en daarvóór eigenlijk ook niets wat een uitgebreide vermelding waard is (een ticket gekocht voor de boot; de vismarkt bezocht; bij ‘Crème de la Crème’ een lekker taartje gegeten; het Mausoleum, de crypte en de Jupitertempel bezichtigd en boodschappen gedaan). Daarom deze keer een paar bevindingen van de afgelopen dagen.

* De EU kan in mijn ogen niet veel fout doen, maar niet iedereen deelt die mening, ook hier niet. Nu Kroatië sinds een jaar bij ‘ons’ hoort, zijn de prijzen en de belastingen in het land snel gestegen. De inwoners van het paleis van Diocletanus – families die de panden van generatie op generatie doorgegeven hebben – kunnen deze stijgingen niet bijhouden en steeds meer locals zien zich gedwongen hun huis te verkopen. Die panden zijn onwijs duur, dus de bewoners worden er niet armer van, maar het gevolg is wel dat de oude stad leegloopt en verandert in een museum met kantoor- en winkelpanden in plaats van levendige huizen. In het oude centrum van Dubrovnik wonen nauwelijks nog mensen en mijn gids van gisteren verwacht dat het historische Split binnen een paar jaar ook ‘dood’ zal zijn.

* Een andere instantie die gisteren door het slijk gehaald werd: UNESCO. Stel, je woont in een middeleeuws pandje in het paleis van Diocletanus, en je wilt je huis aan de buitenkant van een tafeltje voorzien. Dan mag je van UNESCO zomaar, in een soort historisch rommelhok, een stuk zuil uit 300 na Christus uitkiezen, het gevaarte op een steekwagen leggen en daarmee je middeleeuwse pand verfraaien. Past namelijk prima binnen het karakter van de stad, aldus UNESCO. Dat zo’n oude Romeinse zuil als ordinaire tafel dienst mag doen vind ik op zijn zachtst gezegd twijfelachtig, om van de architectonische incorrectheid nog maar te zwijgen.
Maar stel nu dat je datzelfde middeleeuwse pand een serieuze opknapbeurt wil geven (wat uiteraard geen overbodige luxe is), dan moet je daarvoor een eindeloze stapel papieren doorwerken en bakken met geld neerleggen. Omdat UNESCO het beste met de geschiedenis voorheeft…

* Split heeft een museum genaamd Froggyland, waar je naar hartelust opgezette kikkers in allerlei poses kunt bekijken. Voor de mensen die altijd al een kikkerorkest / kikkerschool / kikkercircus hebben willen zien.

* Dan nu een culinaire bevinding. Brood is fantastisch. We hebben veel te weinig eerbied voor brood. (Sterker nog, als we de broodbuikhaters en zandlopergoeroes moeten geloven staat brood zo ongeveer gelijk aan al het kwade op deze wereld.) Maar geloof mij, in een hostel zonder kookplaat of oven dringt de heerlijkheid, het gemak en de veelzijdigheid van brood zich vanzelf aan je op. Broodjes, sandwiches, toastjes, brood door de salade, soep met brood…

* Waar ik me mateloos aan kan ergeren: mensen/toeristen die verbodsborden en verzoeken negeren. Zelden zoveel mensen foto’s zien maken op plaatsen waar duidelijk een wit bord staat met daarop een fotocamera, omcirkeld met een rode rand en een rode streep er schuin doorheen. Lijkt me duidelijk, niet?
Of dat er ergens aan weerszijden van een deur in vier talen wordt verzocht om alstublieft geen stoelen mee naar buiten te nemen, en dat mensen dat dan tóch doen.
Het ergste vind ik nog dat ik daar kromme tenen van krijg, want ik ben helemaal niet in de positie om hen aan te spreken en ik kan die ergernis meestal niet direct met anderen delen. Dus dan zit ik met een brok irritatie waar ik niets mee kan. Dát is pas irritant!

* Vraag me niet hoe het kan, maar ik loop in Kroatië voortdurend aan de verkeerde kant van de stoep. Het maakt hier niet uit of ik aan de linkerkant, de rechterkant of in het midden loop: ik moet voortdurend uitwijken.

Split

Split (Italiaans: Spalato) is de grootste en belangrijkste stad in Dalmatië. De stad had in 2007 221.456 inwoners en is daarmee de tweede stad van Kroatië. De havenstad is gelegen op een klein schiereiland in de Adriatische Zee en is een belangrijke economische en toeristische transitstad. Vanuit de haven kunnen namelijk meerdere Adriatische eilanden en Italiaanse steden worden bereikt.

Het hart van Split wordt gevormd door het paleis van Diocletianus. De Romeinse keizer Diocletianus beval omstreeks het jaar 300 na Christus tot de bouw van dit paleis, omdat hij zich na zijn aftreden in zijn geboortestreek wilde vestigen. (Diocletanus is de enige Romeinse keizer die vrijwillig afstand deed van zijn titel. Hij stierf op circa 65(!)-jarige leeftijd een natuurlijke dood, in tegenstelling tot vele andere Romeinse keizers.)

Het aftreden van Diocletanus in 305 wordt meestal beschouwd als het begin van het bestaan van de stad Split. In de 7e eeuw vestigden zich in het enorme gebouw de eerste stadsbewoners, gevlucht uit Salona (het huidige Solin). Ook nu nog wordt het centrum van Split gevormd door het oude paleis, waarin huizen, winkels, markten, paleizen en kerken zijn gevestigd. Het meest beeldbepalend is wellicht de Kathedraal van Sint-Domnius. Deze Rooms-katholieke kathedraal is ontstaan in en rondom het mausoleum van christenvervolger Diocletianus.

Vanaf 1420 behoorde Split tot Venetië, en in 1797 viel het toe aan Oostenrijk-Hongarije. In 1918, na de Eerste Wereldoorlog, viel Oostenrijk-Hongarije uiteen en ging Split horen bij het Koninkrijk van Serviërs, Kroaten en Slovenen dat toen werd opgericht. Dit koninkrijk ging in 1929 Joegoslavië heten. Gedurende de jaren 1941-1943 maakte Split deel uit van Italië, maar na de Tweede Wereldoorlog kwam het weer in bezit van Joegoslavië.

In 1979 werd het paleis van Diocletianus, en daarmee een groot deel van het stadscentrum, op de Werelderfgoedlijst geplaatst.

Bron: Wikipedia

Dag 9 en 10 – Spagaat in Split

Ik moet jullie iets bekennen. Voor het eerst in mijn solo-reizigerscarrière voel ik me helemaal niet thuis op mijn bestemming.

Natuurlijk spreken sommige plaatsen mij (veel) meer aan dan andere, maar tot nu toe heb ik overal wel op zijn minst gedacht: “Hier kan ik mezelf wel zien wonen.” De duur en de invulling van dat verblijf verschilt van plaats tot plaats, maar toch. Een pied-à-terre in Zagreb of Boedapest of – tegen de tijd dat ik een oud dametje ben – in Wenen, een stoere kamer in een Berlijnse WG (Wohngemeinschaft), tijdelijk een appartement onderhuren in Praag… Enzovoorts.

Tot ik gisteren in Split belandde.

Begrijp me niet verkeerd. Split heeft alles wat een fijne stad nodig heeft, en meer. Een haven, een boulevard met palmbomen, een mediterraan klimaat, een historisch centrum (deels UNESCO-werelderfgoed, met een Romeins paleis), genoeg winkels en markten, prima restaurantjes en ijssalons – onontbeerlijk, uiteraard – en ga zo maar door.

Ik krijg de kriebels van Split.

De temperatuur, het temperament, de vele gebruinde lichamen, de steelse blikken, de bling-bling, de luidruchtige gesprekken, de stille zee… Het past niet bij mij.

Gelukkig scheen de zon vandaag uitbundig, terwijl het minder warm en benauwd was dan gisteren, toen de zon de hele dag achter de wolken bleef. En ook de rondleiding waar ik vanmorgen aan meegedaan heb, door het Romeinse paleis van Diocletanus (denk hier bij ‘paleis’ meer aan een ommuurde kleine stad, met straten en gebouwen binnen de paleismuren), heeft veel goedgemaakt. Ik heb op anderhalf uur tijd meer wetenswaardigheden opgedaan over de verschillen tussen Romeinse en Middeleeuwse architectuur dan tijdens de gehele Romereis bij elkaar. (In 2006 ben ik met mijn klasgenoten en een paar leraren naar Rome en Florence geweest, ter leering ende vermaeck.)

Overigens, voor fans van Game of Thrones: een aantal scenes van deze serie werden binnen deze paleismuren opgenomen. En ook voor komend seizoen zijn er hier onlangs nog opnames gemaakt.

In mijn Lonely Planet staat dat Split vrij is van massatoerisme. Klopt geen drol van. En dat baart me zorgen, want ik had gehoopt hier nog een enigszins ‘normale’ stad aan te treffen voordat ik doorreis naar dé ultieme trekpleister van Kroatië: Dubrovnik.

Afijn, voor een (korte) vakantie heeft Split genoeg te bieden. Zelfs als het morgen – zoals voorspeld – volop regent en onweert. Maar gelukkig hoef ik hier niet te blijven wonen.

Joegoslavische Oorlogen

De Joegoslavische oorlogen vormen een reeks van gewapende conflicten binnen Joegoslavië, die zich vanaf 1991 ontwikkelden als gevolg van het uiteenvallen van de socialistische federatie Joegoslavië. Nadat de federale staat in 1991 was uiteengevallen in Slovenië, Kroatië en romp-Joegoslavië (Bosnië-Herzegovina, Montenegro, Servië en Macedonië) ontstond er in delen van Kroatië (Knin en Slavonië) en in Bosnië-Herzegovina een hevige burgeroorlog.

Na de verkiezingen van april 1990 in Kroatië werd de Kroatische Democratische Unie (Hrvatska Demokratska Zajednica: HDZ) van Franjo Tuðman de grootste partij binnen Kroatië. Op 22 december van dat jaar werd een nieuwe Kroatische constitutie afgekondigd, waardoor de status van de Serviërs in Kroatië veranderde van ‘inwoners van een samengestelde natie’ in een nationale minderheid.

Het falen van de constitutie wat betreft het garanderen van de rechten van de etnische minderheden in het land, alsmede de massa-ontslagen van Serviërs die in de publieke sector werkten, leidde ertoe dat de etnisch Servische gemeenschap binnen Kroatië (600.000 man) autonomie eisten. Begin 1991 begonnen Servische extremisten in Kroatië rellen te stoken, in de hoop militaire interventies van het Joegoslavische leger te provoceren.

Tijdens een Kroatisch referendum in mei 1991 (geboycot door de Servische minderheid) gaf 93% van de stemmers aan vóór een onafhankelijk Kroatië te zijn, maar toen Kroatië zich op 25 juni 1991 (op dezelfde dag als Slovenië) onafhankelijk verklaarde, riep de Servische enclave in Krajina uit onafhankelijk te zijn van Kroatië. Vervolgens braken er hevige rellen uit in Krajina, Baranja en Slavonia. In de zomer van 1991 viel een kwart van Kroatië in handen van Servische milities en het Joegoslavische leger. Op zes maanden tijd vielen er in Kroatië 10.000 doden, honderdduizenden mensen sloegen op de vlucht en tienduizenden huizen werden verwoest.

Hoewel de oorlog eind 1992 ten einde kwam, bleef het onrustig in sommige delen van Kroatië tot het Dayton-akkoord, ondertekend in Parijs in december 1995, de traditionele grenzen van Kroatië erkende.

Bron: Lonely Planet “Eastern Europe” – 11th edition

Zagreb

Zagreb is de hoofdstad van Kroatië en van de provincie Zagreb. De stad ligt in het noorden van het land, dicht bij de grens met Slovenië, en telde in 2005 973.667 inwoners.

De stad Zagreb ligt aan de rivier de Sava en aan de voet van het gebergte Medvednica. Bestuurlijk vormt Zagreb een afzonderlijke provincie met circa 1.200.000 inwoners. Groot-Zagreb huisvest ongeveer één op de vijf inwoners van Kroatië.

Zagreb werd in 1094 voor het eerst genoemd. In dat jaar stichtte de Hongaarse koning Ladislaus de Heilige er een bisdom op de heuvel Kaptol. Op een naburige heuvel ontwikkelde zich de burgerlijke tegenhanger van het kerkelijke Kaptol: Gradec. In de 16e eeuw ontwikkelden beide rivalen zich verder tot één stad.

Onder Oostenrijks-Hongaars bewind, tot 1918, stond de stad bekend onder haar Duitse naam Agram. Zagreb lag overigens in het Hongaarse landsdeel en heet in het Hongaars Zágráb. Er hebben nooit veel Hongaren in Zagreb gewoond. Tegenwoordig is ruim 90% van de inwoners Kroaat en vormen de Serviërs de grootste minderheid.

Bron: Wikipedia

Dag 8 – Zwartwit

Wonderlijk hoe een dag waarop je zowel een begraafplaats als het Museum der Verbroken Relaties bezoekt, toch vooral heel erg licht en luchtig kan zijn. Volgens mij heb ik dat voornamelijk aan het weer te danken, maar ook een gezonde afwisseling van emoties helpt.

Vanmorgen ben ik bijvoorbeeld eerst, rond koffietijd, naar Gornji Grad (de bovenstad) gelopen om een stuk taart te gaan eten bij “Amélie”: een taartenwinkel die werd aangeprezen in een tijdschrift dat ik kreeg bij het chocoladepakket dat ik gewonnen heb op het Chocoa-festival in Amsterdam. (Volg je nog?) Dik verdiend, die aanbeveling. Sorry Bled Cream Cake, maar dé Amélietaart van Amélie is een stuk legendarischer…

Daarna ging ik met de bus naar de Mirogoj-begraafplaats, ook in Gornji Grad maar iets buiten het centrum. Een prachtige plek, Mirogoj, al moet je waarschijnlijk wel van begraafplaatsen houden om het met mij eens te kunnen zijn. Op sommige, verouderde delen van het kerkhof hangt een enigszins macabere sfeer, maar ik vind half vergane familiegraven een pak interessanter dan die recht-toe-recht-aan grafstenen die je tegenwoordig overal ziet. Bovendien hangt er over het algemeen vooral een vredige, saamhorige sfeer. Deze overledenen zijn, ondanks hun verschillende nationaliteiten en geloofsovertuigingen, toch allemaal op dezelfde plek terechtgekomen. Weej goan allemoal met de neus umhoeg…
En daarbij had ik het zoals gezegd enorm getroffen met het weer, maar ook met het seizoen. De verschillende herfstkleuren en vallende bladeren kwamen op Mirogoj goed tot hun recht.

Ik heb een groot anderhalf uur op de begraafplaats rondgehangen. Daarna pakte ik de bus terug naar het centrum, om in de buurt van de Dolacmarkt (nog steeds in de bovenstad) te gaan lunchen. Ik heb heerlijk gegeten, maar ik ben de naam kwijt van het gerecht en van het restaurantje.* Het was er in elk geval zo druk dat de gastvrouw mijn bestelling vergat door te geven aan de keuken, waardoor ik iets langer op mijn eten moest wachten maar wel gratis iets extra’s te drinken kreeg aangeboden.

Na de lunch, waar ik pas tegen half vier klaar mee was (hoezo onregelmatige eettijden?) bleek de Dolacmarkt al afgelopen te zijn, dus toen ben ik even teruggekeerd naar het hostel om mezelf op te frissen.

Eventjes maar, want niet veel later stond ik opnieuw in Gornji Grad, in het Museum of Broken Relationships. Een indrukwekkende verzameling aandenkens aan relaties die niet meer bestaan. Van een bijl tot een speelkaart en van een chequeboekje tot een zelfmoordbrief. De spullen in het museum kwamen uit verschillende landen en toevallig kwam die afscheidsbrief uit Nederland. Bizar hoe een originele brief zoveel harder kan binnenkomen dan een vertaling… Dus daar kreeg ik het eventjes te kwaad, maar over het algemeen vond ik het een bijzonder leuke en originele tentoonstelling die een uniek inkijkje geeft in menselijke relaties. Beater verleeze dan dat ge ’t noeit het gehad… (Nu ben ik klaar met mijn Rowwen Hèze quotes, voor vandaag.)

En daarna heb ik boodschappen gedaan en ik heb een simpele avondmaaltijd in elkaar gedraaid, ik ben naar het busstation gegaan om een ticket te kopen voor morgen, ik heb opnieuw een ijsje gekocht, ik heb even bij een podium staan luisteren naar live Kroatische muziek, en eenmaal terug op ‘mijn’ slaapkamer heb ik een tijdje gekletst met mijn nieuwe kamergenoten** en ondertussen ontzettend genoten van het uitzicht dat zij boden (vier jonge, gespierde Schotten in ontbloot bovenlijf, ajajaj…) en nu ga ik – hopelijk – lekker slapen.

* Het restaurant heet ‘La Struk’ en het gerecht heet štrukli. Štrukli komt oorspronkelijk uit Zagreb en omstreken, maar wordt tegenwoordig in grote delen van Kroatië gegeten. Het gerecht bestaat voornamelijk uit kaas en deeg, gekookt of gebakken, eventueel aangevuld met extra zoete of hartige ingrediënten. Ik heb gekozen voor gebakken štrukli met zoete in plaats van zoute kaas. Heel lekker, maar zwaar: een bijzonder stevige bodem voor de rest van de dag.

** Persoonlijk vind ik dat – als solo reiziger – een groot nadeel aan Zagreb: de meeste toeristen blijven hier maar voor één nachtje. Probeer dan maar eens iets gezelligs op te bouwen. Hoewel die afwisseling dus ook best plezierig uit kan vallen, af en toe…