Quote X

een portretfoto van Marie Curie

“Men merkt nooit op wat gedaan is,
men kan alleen zien wat nog moet gebeuren.”

~ Marie Curie

Maria Skłodowska-Curie (1867 – 1934) was de eerste vrouw die een Nobelprijs kreeg. En acht jaar later ontving ze er nóg een! Ze was een echte pionier op het gebied van radioactiviteit, en ontdekte samen met haar man twee scheikundige elementen, namelijk polonium (vernoemd naar Polen, haar vaderland) en radium.

Random Act of Kindness: Duik vandaag, op Internationale Vrouwendag, eens in het leven van een vrouw die onze geschiedenis beïnvloed heeft.

Quote Nelson Mandela

Over (on)mogelijkheden en beperkingen

Nog even over die quote van vorige week. “Het lijkt altijd onmogelijk tot het gedaan wordt”. Daar wil ik graag wat dieper op ingaan.

(Mocht Nelson Mandela nog geen held van me geweest zijn, dan was ‘ie het nu.)

Omdat ik werk aan de uitvoering van het VN-verdrag voor de Rechten van Mensen met een Beperking, kom ik de laatste tijd iets te veel verhalen tegen over de barrières waar gehandicapte mensen (al dan niet letterlijk) tegenaan lopen.

Barrières die, bedoeld of onbedoeld, bepalen wat zij wel en niet kunnen doen met en in hun levens, relaties en werk.

Zoals jullie misschien al wel weten, raakt dit onderwerp mij persoonlijk, omdat ik regelmatig ervaar hoe hardnekkig (en onnodig!) deze obstakels kunnen zijn.

Mijn gehoor is minder goed dan dat van anderen, minder goed dan nodig is om er geen hinder van te ondervinden, en minder goed dan tien jaar geleden (toen ik ook al slechthorend was). Dus ja, ik weet wat het is om beperkt te zijn, beperkt gevonden te worden, en mij beperkt te voelen.

Maar ik ben méér dan mijn oren.

Er zijn genoeg momenten waarop ik geen last heb van mijn slechthorendheid, en er helemaal niets van merk.

Er zijn ook genoeg momenten waarop ik minder beperkt ben dan anderen. Als ik met het openbaar vervoer reis, ben ik minder beperkt dan iemand in een rolstoel. Als ik een boek lees, ben ik minder beperkt dan iemand met dyslexie. Enzovoorts.

Dat ik slechthorend ben, wil dus niet zeggen dat ik altijd en overal hindernissen tegenkom. (Sterker nog: het kan soms een voordeel zijn. Wat dacht je bijvoorbeeld van mijn nachtrust?)

En andersom hebben de hindernissen die ik wél tegenkom lang niet altijd te maken met die ene officieel erkende beperking…

Zijn er eigenlijk onbeperkte mensen? Nee, toch?

En natuurlijk, de ene beperking brengt veel meer (on)mogelijkheden met zich mee dan de andere.

Maar waarom erkennen we niet wat vaker dat iedereen bepaalde gebreken heeft? Dat het hebben van een beperking ons niet minder mens maakt?  En dat we ondanks én dankzij die gebreken ook heel veel mogelijkheden hebben?

Bereiken we langs die weg niet veel meer, en veel mooiere dingen, dan wanneer wij – of “de maatschappij” – ervan uitgaan dat we perfect (dus onbeperkt) moeten zijn om iets te kunnen bereiken, en dat onze beperkingen per definitie onwenselijk zijn en dus behandeld, gemaskeerd of genegeerd moeten worden? Dat bepaalde zaken nooit zullen veranderen omdat “het nu eenmaal zo werkt”? En dat er een wezenlijk verschil is tussen mensen met en zonder een beperking? (Voor zover er überhaupt sprake kan zijn van “zonder”…)

Volgens mij hebben we sowieso al één beperking met elkaar gemeen – onze tijd op aarde – dus laten we die tijd alsjeblieft een beetje slim doorbrengen. Iedereen is gelijk. Ieder mens heeft beperkingen en (on)mogelijkheden. En als je die twee bij elkaar optelt: het is niet aan een ander om te bepalen wat iemands (on)mogelijkheden zijn.

Nogmaals: “het lijkt altijd onmogelijk tot het gedaan wordt”. Laten we dat onthouden.

Avonturier

Precies twintig maanden geleden begon ik deze weblog, met een kort fragment uit het boek “De Alchemist” van Paolo Coelho.

Ineens voelde hij dat hij tegen de wereld aan kon kijken
als het arme slachtoffer van een dief,
of als een avonturier op zoek naar een schat.

Dat gevoel heb ik nog steeds.

Quote VII

De enige getuigen

van de vergoten tranen

en de gang van zaken hierbinnen

zijn deze vier muren

en de alwetende Jezus.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog deed het ‘Silezische Huis’ (Dom Śląski) dienst als hoofdkantoor van de Gestapo in Krakau. Duizenden mensen werden hier op brute wijze verhoord en gemarteld. In drie cellen onder het gebouw zijn de originele inscripties (ca. 600) van gevangenen bewaard gebleven. Bovenstaande tekst is (in het Pools) door een onbekende gevangene in een celmuur gekerfd.

Hopelijk heb ik binnenkort meer tijd om over Dom Śląski en mijn belevenissen van de afgelopen dagen te schrijven, maar mijn taalcursus komt de belofte intensief te zijn heel goed na, dus ik beloof niets…

Quote V

De trein blijft een weg door mijn leven banen. Maar een trein vergeef je veel, omdat het een trein is. In tegenstelling tot een auto rijdt hij langs de achterkant van de wereld. De geklasseerde huizen van de stationsbuurt blijken halve krotten te zijn. Maar die puinhoop krijg je pas te zien vanaf het spoor.

 

— uit het boek “De Helaasheid der Dingen”, door Dimitri Verhulst