“De leukste date- en reisverhalen”: waar dapperheid goed voor kan zijn

In het afscheidsboekje van mijn traineeprogramma staat welgeteld één quote over mij.

Over Wendy: “Ze is meestal rustig, maar heeft de leukste date- en reisverhalen”

Ik vind alles mooi aan deze quote. Het woordje “meestal”. De opmerking dat mijn date- en reisverhalen het leukst zijn. En dat ik blijkbaar, ondanks m’n kalme en onopvallende aanwezigheid, toch iets persoonlijks heb bijgedragen.

En niet alleen iets persoonlijks, maar ook iets dappers.

Want zowel daten als (solo)reizen waren lange tijd een absolute “no go” voor mij. Ik wou wel, maar ik geloofde dat het niet voor mij was weggelegd. Dat het gedoemd was te mislukken. Dat ik gegarandeerd af zou gaan, en dat niemand geïnteresseerd zou zijn.

Zo dacht ik pak-‘m-beet zes jaar geleden. Sindsdien heb ik heel wat kleine, doenlijke stappen gezet.

En dat levert dus de leukste date- en reisverhalen op. 😀

Die wetenschap is sowieso fijn, maar het maakt het reizen en daten ook een stuk makkelijker. Omdat ik nu kan denken: “Ach, stel dat het mislukt, dan heb ik in elk geval weer een mooi verhaal.”

Wat niet wil zeggen dát het altijd mislukt.

Ja, er zaten een paar rampzalige mannen en reisdagen tussen. Maar daar staat veel moois tegenover.

Als iemand mij zes jaar geleden had verteld dat ik ooit eens – op reis – zou daten met een jongeman die aardig lijkt op een mix van Eddie Vedder en Johnny Depp, in hun fysieke hoogtijdagen…

Een combinatie van die twee spetters, maar dan met rossig haar en een bril… (Wat voor mij twee pluspunten zijn, want ik hou van mannen met rossig haar en een bril.)

Zes jaar geleden had ik die persoon vierkant uitgelachen. Voor gek verklaard. “Ja hoor, maak dat de kat wijs.”

En nu?

Nu vind ik het jammer dat er geen “en ze leefden nog lang en gelukkig” aan vastkleeft.

Maar het voelt vooral alsof ik onverwachts een prijs gewonnen heb. Een leuke beloning voor mezelf, voor dapperheid, en voor één van mijn leukste date- én reisverhalen tot nu toe.

Een jonge vrouw staat voor een muur en kijkt naar een ballon, die ze aan een touwtje vast heeft. Ze ziet er verlegen en rustig uit; niet als een durfal.

Je hoeft geen durfal te zijn om alleen te reizen

Sommige mensen denken dat het vre-se-lijk veel moed vereist om alleen te reizen.

Zij hebben het mis.

Waarom? Omdat ik nu drie soloreizen gemaakt heb, en ik ben GEEN durfal.

Ik wou dat ik dat was. Ik wou dat ik kon zeggen dat ik een waaghals ben. Een avontuurlijke piraat. Een fortuinzoeker, dapperder dan honderd mannen.

Maar ik ben dat niet.

Durfallen durven alles (du-uh), reizen overal naartoe en overschaduwen iedereen.

Ik, daarentegen, ben nog nooit in mijn eentje buiten Europa geweest. Horrorfilms, troebel water en telefoongesprekken zijn maar een greep uit de dingen waar ik – op zijn minst – nerveus van word. En ik volg momenteel therapie omdat ik mij te veel laat overschaduwen.

En toch. Toch ben ik ook een enthousiaste soloreiziger.

Daarom zeggen vrienden en familieleden zo nu en dan dat ik dapper ben.

Ik ga dat niet ontkennen. 🙂

Er is echter een verschil tussen dapper zijn en een durfal zijn. Tussen moedig genoeg zijn om alleen te reizen en zo heldhaftig zijn dat je leven op een actiefilm lijkt.

Ik geloof dat dapper zijn binnen handbereik is. Letterlijk. Voor iedereen.

Dapper zijn betekent iets doen dat eng klinkt, maar te doen is.

Merk op dat het werkwoord “doen” twee keer voorkomt in de laatste zin. Doen is de sleutel. Geen heldendom. Geen speciale superkrachten. Doen.

Als je in je eentje op reis wilt, doe het dan. Maak het doenlijk.

Je hoeft niet meteen een wereldreis van een jaar te boeken. Begin gewoon zo klein of groot als je wilt (en kunt).

Dus… Waar wil je naartoe?

P.S .: Meer informatie / inspiratie nodig? Lees dan:
Alleen op reis? Zo doe je dat!
Waarheen? (Reisbestemmingen)
In 32 dagen naar Albanië en terug <= mijn meest recente (en grotendeels solo) avontuur!

Foto: “Soaring Thoughts” door EladeManu, licentie CC BY 2.0

Toffe Dingetjes 2

Wat voor toffe dingetjes heb ik de afgelopen weken zoal gelezen / bekeken / gedaan / ontdekt?

Lezen & Luisteren

‘Het Huis met de Geesten’ (van Isabel Allende) heb ik nu bijna uit. Normaal gesproken zou ik een boek waar ik zo traag doorheen kom al lang opgegeven hebben, maar het verhaal beslaat meerdere generaties. Tientallen jaren. Dus in dit geval werkt een traag tempo juist wel lekker.

Toch behoefte aan iets meer pit? In dat geval kan ik Peaky Blinders aanbevelen. Wát een serie! Een spannend verhaal over een criminele bende uit Birmingham, in een prachtige setting: de periode tussen de Eerste en Tweede Wereldoorlog. En dan dat taalgebruik… Erg aanstekelijk, ondanks – of juist dankzij? – een flinke dosis (infixed) expletive attributives.

Exple-watte? Da’s de taalwetenschappelijke term voor het gebruik van scheldwoorden in en tussen andere woorden.

Peaky f*cking Blinders, mensen!

Tot slot, afgelopen maandag op NPO 2 (bij 2Doc) en nu online te bekijken: de documentaire ‘Doof Kind’. Wie nog betwijfelt of dove mensen een goed gesprek kunnen voeren, moet hier zeker eens naar kijken.

Eten

Vanwege Peaky Blinders staat “Chef’s Table” nu even op een laag pitje. In plaats daarvan: truffel-pepernoten! <3 En steeds meer herfst- en wintergroenten. Een paar weken geleden maakte ik voor het eerst een kipstoofpotje met flespompoen en prei. Erg lekker!

Dansen

Met al die pepernoten en winterse kost wordt het nóg belangrijker om regelmatig te sporten. Huidige Zumba-favoriet: ‘Green Light’ van Cuppy & Tekno. Voor de cooling down.

Ontdekken

Afgelopen zaterdag stond ik op de BuitenlandBeurs in Utrecht, bij de stand van GO Europe. Ik ken GO Europe al jaren – in dat opzicht was het eerder een kleine reünie dan een ontdekking – maar het was wél de eerste keer dat ik als “exposant” de Jaarbeurs binnen mocht. En dat vond ik best wel tof.

Mijn entreebewijs voor de BuitenlandBeurs, met in hoofdletters "EXPOSANT" erop.

De online cursus over moderne kunst heb ik vrij snel afgerond – wel leuk, niet heel boeiend – en daarna ben ik een cursus content marketing begonnen (ook via Coursera).

Dat klinkt misschien als een onlogische keuze voor iemand zoals ik (d.w.z., met weinig interesse in economische aangelegenheden). Maar content marketing gaat in feite over het schrijven van boeiende teksten, en het zo goed mogelijk bedienen (en vergroten) van je “publiek”.

Dus eigenlijk is het helemaal niet zo’n onlogische keuze.

Maar voor wie dat toch iets te “on-Wendy” vindt: ik doe sinds kort ook mee aan een traject van Buddy to Buddy Breda. Buddy to Buddy koppelt nieuwe Bredanaars (vluchtelingen) aan Nederlandse Bredanaars. Ik ben heel benieuwd!

Woede is een gist

Woede is een gist
Is een gist, is een gist.
Woede is een gist, is een gist, is een peperbarrel
gist,
is een tondeldoosje gist,
is een buideltje, een bobbeltje, een beukeltje
van gist,
is een gist, is een gist,
is een kopje, is een gist, is een brokje, is een gist,
is het bibberige blabberige bubbelige gist,
is een gist, is een gist.
Woede is een gist, is een gist
is een gistje
en lost op.

– mijn imitatio van “Boosheid is een stof” (Toon Tellegen)

twee Zwarte Pieten delen strooigoed uit bij een intocht

Wat heeft de Pietendiscussie met doofheid te maken?

Er valt mij iets op aan de discussie rondom Zwarte Piet.

Dat ‘ie lang duurt ja, dat is één. En dat een oplossing waar iedereen zich in kan vinden, verder weg lijkt dan ooit.

Maar er is nog iets.

Ineens lijkt half Nederland (en België) blind en/of doof te zijn.

“We doen het onszelf aan, in onze blindheid, onze doofheid, onze arrogantie.”

Dit citaat komt uit een opinietekst van Jeroen Deckmyn, op de website van de VRT. En hoewel het stuk goed geschreven is, en zijn verhaal sterk lijkt op mijn eigen route door het doolhof van de Pietendiscussie, toch vind ik het maar niks dat hij “blindheid” en “doofheid” hier gelijkstelt aan “arrogantie”.

En hij is niet de enige. Afgelopen zaterdag in Nieuwsuur: “Zwarte Piet-discussie is een gesprek tussen doven”.

In die korte titel gaan zoveel dingen mis, dat het mij pijn doet.

Ten eerste insinueert het dat dove mensen geen goed gesprek zouden kunnen voeren.

Ten tweede: niet kunnen horen en niet willen horen zijn twee volstrekt verschillende dingen. (Vraag het maar aan mijn moeder, als je mij niet gelooft.)

Doofheid is het niet of zeer slecht kunnen horen. Weigeren te luisteren, halsstarrig vasthouden aan je eigen verhaal, arrogantie… Dat is iets anders. Dat “doofheid” noemen is niet alleen een grove belediging voor dove mensen, maar haalt ook onterecht verantwoordelijkheid weg bij mensen die het wel degelijk kunnen horen.

Want als we niet uitkijken, vormen die geveinsde beperkingen straks nog een excuus ook.

O nee, dat gebeurt al. Uit de Trouw: “Kinderen zijn blind voor kleur Zwarte Piet”.

De gedachtegang die daarop volgt, is al gauw: “Zie je wel! Kinderen zien niet dat hij zwart is, dus dan is er geen probleem. Dan is het niet racistisch.”

“Ik zie het niet, dus het is er niet.” Dat zou iemand die echt blind is, eens moeten proberen!

De meeste kinderen zien heus wel wat voor kleur Zwarte Piet heeft. De meeste mensen kunnen de geluiden uit het andere kamp heus wel horen.

Het probleem is dat ze dat niet willen.

En dat heeft doorgaans niets te maken met doofheid, blindheid, of andere handicaps.

Dus stop alsjeblieft met daar verbanden tussen te leggen.

Ik sluit af met een vraag uit het opiniestuk van Jeroen Deckmyn. Omdat zijn verhaal voor mij de druppel was die de emmer deed overlopen. Omdat ik de Pietendiscussie – en die over racisme – niet op een zijspoor wil zetten. En omdat we “niet willen” volgens mij alleen kunnen oplossen met een combinatie van vriendelijkheid en nieuwsgierigheid.

“Zou het niet aardig zijn – en vooral interessant! – om een keer te luisteren naar die mensen? Naar wat zij te zeggen hebben over ons?”

Foto: “Aankomst Sinterklaas” door Toon Van de Putte, licentie CC BY-NC 2.0

Deze gezichtsmaskers vind ik fijn. Jij misschien ook?

Of je nu single bent of niet, happy of depri, jong of oud of iets daartussenin: een beetje persoonlijke verzorging kan nooit kwaad.

Het boek “Well, That Escalated Quickly” bracht mij op het spoor van de gezichtsmaskers.

Niet dat ik die daarvoor nog niet kende, maar ik gebruikte ze eigenlijk nooit. Zonde van het geld (en het milieu), dacht ik. En als ik een maskertje cadeau kreeg, vergat ik het gewoonweg op mijn gezicht te smeren. Waardoor het al snel verdween in de krochten van één of andere toilettas…

Tot een aantal maanden geleden. Ik zat niet lekker in mijn vel, voelde de hete adem van het “30-jarige monster” in mijn nek, las het boek van Franchesca Ramsey… En besloot mezelf af en toe een maskertje cadeau te doen.

Sindsdien smeer ik bijna elk weekend (op zaterdag of zondag) na het douchen één of andere substantie op mijn gezicht. Zelfgemaakt of kant-en-klaar gekocht.

Mijn drie favorieten (tot nu toe) staan hieronder. In willekeurige volgorde, want de onderlinge verschillen zijn te klein om een zinvolle ranking te kunnen maken.

Maar voor ik begin, nog even iets over mijn huid. Ik heb over het algemeen een vrij droge huid, maar mijn T-zone (voorhoofd, neus, kin) is een stuk vetter. Daarom probeer ik vooral maskers uit die expliciet bedoeld zijn voor een gecombineerde huid.

Dus: welke gezichtsmaskers zou ik gerust nog eens kopen of maken?

1. Peel-off masker honing (Dr. Van der Hoog)

Oh, peel-off maskers… Ik begrijp waarom Franchesca Ramsey erbij zweert. Het laten opdrogen van zo’n masker en het vervolgens als één geheel van je gezicht af trekken heeft wel iets van een wedergeboorte. En een hoog creepy gehalte, maar dat nemen we voor lief.

Peel-off maskers hebben helaas ook een minder toffe kant. Ze stinken. Althans, de varianten die ik tot nu toe ben tegengekomen.

de verpakking van het peel-off masker honing

Ook het Peel-off masker honing van Dr. Van der Hoog ruikt direct na het openen behoorlijk heftig – alsof je zojuist een fles wodka geopend hebt – maar die geur vervliegt gelukkig snel. Het aanbrengen en verwijderen van het masker verliep vlotjes, en na afloop voelde mijn huid egaal aan en (zoals beloofd) “diepgaand gereinigd”.

2. DIY Muntmaskertje (via beautylab.nl)

Alle ingrediënten voor dit muntmaskertje heb ik standaard in huis, dus da’s alvast makkelijk.

Van links naar rechts: yoghurt, munt, honing, havermout en citroen.

Jammer genoeg bleek mijn blender niet goed overweg te kunnen met zulke kleine hoeveelheden. Het resultaat zou egaal moeten zijn, maar dat kreeg ik niet voor elkaar. Toch heb ik het klonterige mengsel uiteindelijk gewoon op mijn gezicht gesmeerd. Waarom niet, toch?

Het effect daarvan deed me een beetje denken aan de crew van de Vliegende Hollander, in de Pirates of the Caribbean films…

Just kidding.

Na 20 minuten mocht ik het masker weer afspoelen met lauwwarm water. Tijdens die 20 minuten voelde ik in mijn huid van alles gebeuren – de pepermunt, yoghurt en citroen prikten een beetje – maar het resultaat mocht er zijn: twee dagen nadien voelde mijn huid nog steeds zachter aan dan normaal.

3. Gezichtsmasker Multi (Kruidvat)

Ook bij kant-en-klare gezichtsmaskers verloopt niet altijd alles geheel volgens plan. (Het ligt vast aan mij.)

Zoals bij gezichtsmasker Multi van het Kruidvat.

Ik had de inhoud van één van de twee zakjes al over mijn hele gezicht gesmeerd – een lekker ruikend kleimasker met jojobaolie – toen ik ontdekte dat het masker uit twee verschillende delen bestaat. Deel 1 voor de T-zone, en deel 2 voor de rest van het gezicht.

Op dat moment zat mijn hele gezicht – inclusief T-zone – al onder de inhoud van zakje 2.

Oeps.

close-up van de verpakking, met daarop de tekst "1: use on T-zone"

Toen heb ik het andere deel – met actieve houtskool – een week later maar gebruikt, op mijn T-zone uiteraard. Was een stuk minder zwart en “reinigend” dan ik gehoopt had, maar dat laatste kan ook te maken hebben met mijn flater van de week ervoor.

Al met al wil ik dit masker – net als de andere twee gezichtsmaskers – zeker nog eens proberen. (Maar dan wél volledig “volgens de boekskes”.)

Hebben jullie nog tips voor mij?

een stuk papier met daarop de tekst "Fotomuur", daaromheen allerlei polaroid foto's van het weekend in Den Haag

Een goed verhaal (en Haagsche Hopjes)

Wat hebben revoluties, bestsellers en prachtige liefdesbrieven met elkaar gemeen? Een goed verhaal.

Eind vorige maand mocht ik, voor het tweede deel van een training over storytelling en storyweaving, een weekendje naar Den Haag. Om goede verhalen te leren maken.

Wat vooraf ging: over ruwe diamanten

een muur van het hostel in Den Haag, vol graffitiHet eerste deel vond een half jaar geleden plaats in Antwerpen. Onder betere weersomstandigheden, amai. Het zonnigste weekend van april versus het guurste weekend van oktober… Maar goed. We dwalen af.

In Antwerpen leerde ik mensen interviewen, op zo’n manier dat er gedurende het gesprek een verhaal naar de oppervlakte komt. Alsof je samen een ruwe diamant uitgraaft. Het ziet er nog niet fraai uit, maar in de kern… Oehlalaaaa!

Zo’n ruwe diamant is kostbaar, maar een geslepen versie is al helemaal schitterend.

En dat slijpen, het “polijsten” van een goed verhaal, dat leerden we in Den Haag.

(Nu gebeurt er iets onlogisch, want voor het leren slijpen van échte diamanten is Antwerpen eigenlijk de aangewezen locatie. Dus hier stopt die vergelijking.)

Een goed verhaal in Den Haag

een tafel vol schriften en ander schrijfspul

De deelnemers die – net als ik – voor de specialisatie ‘schrijven’ hadden gekozen, leerden onder andere om (nog) beter te kijken naar een situatie. Om te spelen met de volgorde waarin het verhaal verteld wordt. En om de mensen in het verhaal vaker actief aan het woord te laten, in plaats van “hij vraagt of…” en “zij zegt dat…”.

Stuk voor stuk bruikbare tips.

En er waren Haagsche Hopjes. Om ons tijdens de oefeningen en het “echte werk” van wat energie te voorzien.

Ken je de ontstaansgeschiedenis van het Haagsche Hopje trouwens al? Ook dat is een goed verhaal.

Baron Hendrik Hop, geboren te Breda(!), was verslaafd aan koffie. Hij werd in 1972 naar Den Haag teruggeroepen, toen de Fransen Brussel innamen. Op een avond liet hij zijn kop koffie met suiker en room per ongeluk op de kachel staan. De volgende ochtend bleek de inhoud een brok karamel geworden te zijn, met koffiesmaak. Baron Hop vond het erg lekker, dus toen hij korte tijd later van zijn dokter geen koffie meer mocht drinken, vroeg hij zijn onderbuurman – een banketbakker – om van die brokken koffie te maken. Deze ‘brokken van Baron Hop’ kregen in 1880 de naam Haagsche Hopjes.

wij kunnen nu een goed verhaal vertellen... diploma-uitreiking!

Mooi, toch?

’t Is nog maar zeer de vraag of onze verhalen – die waar wij in Den Haag aan begonnen zijn – over 150 jaar nog steeds verteld worden, maar ik ben sowieso trots op het resultaat.

Benieuwd naar de buitenlandervaringen die we al gedeeld hebben, en nog gaan delen? Een paar van onze verhalen – teksten, luisterverhalen, vlogs, enzovoorts – staan al op Tumblr.

Laat je inspireren… Of drink er gewoon een bakske koffie bij.

Een vrouw danst alleen op het strand, bij een ondergaande zon. Misschien is ze vrijgezel, misschien ook niet... Het ziet er hoe dan ook vrolijk uit.

Lekker vrijgezel: hoe vier je (bijna) alle dagen Singles’ Day?

Vandaag is het 11 november. En da’s niet alleen het begin van een nieuwe carnavalsseizoen, maar ook Singles’ Day… Twee dingen waar ik veul ervaring mee heb: carnaval vieren, en vrijgezel zijn. En ik vind het allebei nog steeds leuk.

Volgens een simpel rekensommetje ben ik nu ruim 97,5% van mijn leven vrijgezel. Alleenstaand. Single. Als ik mijn relaties bij elkaar optel, kom ik niet eens aan één jaar…

En daar baal ik heus weleens van. Niet alleen omdat samenzijn (en samenwonen) absoluut bepaalde voordelen heeft, maar ook omdat ik al zo lang als single door het leven ga, dat ik mij serieus afvraag of ik nog zou kunnen wennen aan een langdurige relatie…

Kijk, wat mij betreft – en de meeste vrijgezellen zullen het (al dan niet stiekem) wel met me eens zijn – valt er meer te zeggen voor “een relatie hebben” dan voor “geen relatie hebben”. Wij mensen zijn nu eenmaal sociale wezens, en als iemand anders jouw voeten warm wil houden… Heerlijk!

Maar dat betekent NIET dat een relatie hebben altijd 100% geweldig is, koek en ei, rainbow unicorns en ze leefden nog lang en gelukkig.

Sterker nog: sommige aspecten van mijn huidige leven zou ik keihard missen zodra ik weer in een relatie beland. De voordelen van vrijgezel zijn. Zoals helemaal zelf bepalen waar ik in het weekend (en op vakantie) heen ga, een tweepersoonsbed voor mij alleen, geen gedeelde agenda hebben, geen rekening hoeven houden met wat mijn “Mr. Darcy” ergens van vindt…

Niet dat een vrijgezellenbestaan altijd over rozen gaat, maar het kán fantastisch zijn. Bij deze mijn tips voor een leuk leven als vrijgezel. Van een expert single lady, voor jullie.

Lekker vrijgezel zijn – tips:

  1. Schaam je er niet voor. Je schamen voor je vrijgezellenbestaan is dé doodsteek voor een happy single life. Waarom zou je dat doen?
  2. Ga alleen op reis. Ik blijf het zeggen…
  3. Geef vooral geld uit aan ervaringen. Op geen enkele dag wordt er wereldwijd zoveel geshopt als op Singles’ Day. Die mensen hebben het niet helemaal begrepen, vrees ik. Natuurlijk kun je jezelf en je (vrijgezelle) vrienden af en toe een cadeautje geven – zie volgende punt – maar van een huis vol rommel spullen wordt niemand echt gelukkig.
  4. Put a ring on it. Profiteer ervan. Doe eens gek. Mijn toestemming heb je – en die van Beyoncé.
  5. Ontdek wat jou gelukkig maakt. Wat heb jij nodig om een gelukkig leven te kunnen leiden? Iemand anders gaat dat waarschijnlijk niet voor je uitpluizen – ook niet als je wél een relatie hebt – dus doe het zelf. Altijd handig.
  6. Investeer in andere relaties. Die met je vrienden en familie, bijvoorbeeld…
  7. Erken je onzekerheden. Als je iets zeker denkt te weten, sta je niet open voor nieuwe kansen en alternatieve opties. Blijf je (positieve én negatieve) overtuigingen in twijfel trekken. Daarmee samenhangend: …
  8. Ga af en toe op date, hoe leuk je het ook vindt om vrijgezel te zijn.
  9. Neem je verantwoordelijkheid. Single of niet, jouw leven = jouw verantwoordelijkheid. Maakt je huidige situatie jou niet gelukkig? Kies dan voor iets anders.

Welke tip spreekt jou het meest aan? Ontbreekt er nog iets in dit rijtje?

Foto: “Dancing” door Moody Fotografi, licentie CC BY 2.0

Reisschema en tips: 32-daagse reis naar Albanië en terug [deel 2]

In deel 1 van mijn reisbeschrijving kon je lezen hoe ik over land naar Belgrado reisde. Bij deze het verdere verloop van die 32-daagse reis: van Belgrado via Skopje (Macedonië) en Vlorë (Albanië) terug naar Nederland, met tussenstops in Ljubljana, Salzburg en Frankfurt am Main.

Dag 11 t/m 14

Skopje

Hoe?

Hoewel er een (nacht)trein rijdt tussen Belgrado en Skopje, gaf ik hier de voorkeur aan een busrit. De trein doet er ruim tien uur over en kost 34 euro, met Flixbus ben je 22 euro kwijt en binnen zeven uur in Skopje. Tel uit je winst.

Waar?

In Skopje logeerde ik bij mijn beste vriendin. Veel meer dan een verwijzing naar websites zoals Booking.com en Airbnb kan ik hier dus niet geven…

Tips?

  • Loop zeker even over de oude bazaar, de Stenen Brug en het Macedonië-plein, waar Alexander de Grote – of, zoals ze hier zeggen, “Aleksander Makedonski” – hoog boven iedereen uittorent.
  • De berg Vodno biedt een mooi uitzicht over de stad, en een verkoelend briesje op dagen dat het “beneden” haast niet uit te houden is… Je hoeft de berg niet zelf te beklimmen: er loopt een kabelbaan naar het kruis (Millennium Cross) op de top. Dit kruis geeft ’s nachts trouwens licht – wat mega kitsch aandoet, maar daardoor is het óók 24 uur per dag een handig oriëntatiepunt in de stad.
  • Ga lekker uit eten. Gewoon, ergens. Ik heb nog niet kunnen ontdekken welk restaurant het beste is, maar waar ik ook at: het smaakte goed!

Dag 15 t/m 19

Vlorë (en Karaburun)

Hoe?

Bustickets van Skopje naar Vlorë in Albanië (en terug) zijn niet online te koop. Je moet ze op het busstation van Skopje of telefonisch zien te bemachtigen. Inderdaad ja, “zien te bemachtigen”… Dit deel van de reis raad ik soloreizigers (en vooral soloreizigSTers) NIET aan, tenzij je een Macedonisch- of Albanisch-sprekende reisgenoot kunt vinden.

De busmaatschappij had ons ervan verzekerd dat we een paar dagen van tevoren nog tickets konden boeken, maar toen puntje bij paaltje kwam bleek de hele bus al vol te zitten, waardoor wij pas een dag later konden vertrekken. Een ticket kostte 40 euro voor een retourtje (per persoon), en daarvoor kregen we twee helse busritten die allebei ongeveer 9 uur duurden. Eentje van 21 uur ’s avonds tot 6 uur de volgende ochtend – waardoor we op tijd waren voor een zonsopkomst aan zee (dat dan weer wel… ) – en de terugrit van 19 uur tot 4 uur ’s morgens.

Neem van mij aan: dit wil je niet. Althans, niet op deze manier.

Waar?

Wat je ook niet wilt: vooraf een kamer boeken én betalen, en dan bij aankomst horen dat er geen plek is. Het geld zou de eigenaar zo snel mogelijk terugstorten, beloofde hij, maar die belofte bleek uiteindelijk niets waard te zijn. (Op mijn laatste betalingsverzoek reageerde hij onder andere met I have more of what you have en you were not and you will not be able to be our hotel guest… Alsof ik dat nog zou willen!)

Gelukkig heeft Airbnb wél verstand van klantvriendelijkheid. Het geld van de boeking heb ik teruggekregen en – nog mooier – de accommodatie van onze “vriend” is uit hun bestand verwijderd. (Al kun je zijn hotel, aan de Rruga Avdul Shara, nog wel boeken via andere kanalen…)

Niet ver daarvandaan vonden we trouwens Hotel Erjuma, waar ze gelukkig wél heel vriendelijk waren en plaats voor ons hadden (voor vier nachten à €30,- per nacht).

Tips?

  • Het strand van Vlorë zelf is een tikje grijs, maar niet getreurd: voor een paar tientjes word je per boot naar mooiere stranden en een kristalheldere zee gebracht – bijvoorbeeld bij het schiereiland Karaburun (zie foto hierboven).
  • Ter hoogte van de DejaVu Lounge staat een uitkijkpost op het strand die heel wat bescherming biedt tegen de felle zon. Een prima hang out voor wie geen geld wil besteden aan ligbedden met parasol…
  • Ik denk dat Vlorë een prima vakantiebestemming is voor (jonge) gezinnen en ouderen. Voor een bruisend nachtleven kun je beter een andere bestemming opzoeken.

Dag 20 t/m 23

Na vier nachten Vlöre keerden we terug naar Skopje. Daar heb ik nog een paar nachten gelogeerd, en toen was het tijd om (in mijn eentje) door te reizen naar Ljubljana.

Dag 24 t/m 26

Ljubljana

Hoe?

Voor 3190 Macedonische denars – ongeveer 52 euro – koop je op het station van Skopje een ticket naar Ljubljana, bij busmaatschappij Radika. (Online boeken niet mogelijk.) De bus vertrekt om 15:30 uur en arriveert de volgende ochtend rond 06:45 uur in Ljubljana. Dat duurt vreselijk lang en ik weet dus niet zeker of ik het nog eens zou doen, maarrrr ik vond deze rit hoe dan ook minder vervelend dan het retourtje Albanië. (Voor zonsondergang valt er genoeg te zien onderweg, en één van de buschauffeurs sprak Engels.)

Waar?

Ik overnachtte in het Fluxus Hostel. Prima plek, behalve dan dat de verhouding tussen het aantal wc’s (1), douches (1) en bedden (14) nóg schever was dan in Belgrado… Voor twee nachten betaalde ik 44 euro.

Tips?

  • Op zonnige dagen is bijna niets zo leuk als zomaar een beetje ronddwalen door deze stad. Ljubljana is een kleine stad waar een rivier doorheen stroomt, en ook het kasteel van Ljubljana vormt een handig baken. Dat maakt dat je hier niet snel compleet verloren zult lopen. Trek je (stoute) wandelschoenen aan en zie maar waar je uitkomt.
  • Je bent hier in de buurt van Italië, en dat betekent: gelato! 😀 Bij ijssalon Cacao hadden ze onder andere de heerlijke combi van pure chocolade met frambozen, en bij Zvezda Café heb ik ook een mindblowing lekker ijsje besteld – zo lekker dat ik me nu niet meer kan herinneren welke smaak het precies had…
  • Voor een welverdiend ontbijt kan ik Le Petit Cafe van harte aanbevelen. (Je zou er bijna een 15-uur durende busrit door vergeten…)

Dag 26 t/m 29

Salzburg

Hoe?

Met de trein! Op de website van de ÖBB (Österreichische Bundesbahnen – oftewel de NS van Oostenrijk) kocht ik een ticket met zitplaatsreservering, voor 37 euro. De trein vertrekt om 09:23 uur uit Ljubljana en komt om 13:48 uur aan in Salzburg.

Enneh, een zitplaatsreservering (apart bij te boeken) kan eigenlijk nooit kwaad, maar in deze trein al helemaal niet. Een deel van de trein rijdt namelijk niet verder dan Villach, dus als je een zitplaats reserveert heb je meteen een plekje in het deel van de trein dat wél doorrijdt naar Salzburg.

Waar?

Het Sishaus View at Mozarts Hostel bevindt zich in een monumentaal pand in hartje Salzburg. Het voordeel daaraan is dat het hostel een charmante (onlogische) “kruip-door-sluip-door” indeling heeft. Het nadeel daaraan is dat het niet alle gemakken heeft van een modern hostel, zoals nachtkastjes voor de mensen die bovenin een stapelbed slapen. Ook heeft het hostel geen gedeelde keuken, maar een ontbijtbuffet (of lunchpakket) is bij de prijs inbegrepen.

Voor drie nachten – inclusief ontbijt – betaalde ik €117,-.

Tips?

  • Het DomQuartier van Salzburg lijkt één museum, maar het zijn er eigenlijk vijf. Dikke, vette aanrader – al wil je na afloop waarschijnlijk snel terug naar je ho(s)tel. “Genoeg kunst (en geslenter) voor vandaag!”
  • In Salzburg kun je bijna overal Mozartkugeln kopen. Dat viel me pas op toen een Italiaanse vriendin erover begon. Ik móést deze bonbonnetjes proeven, en ik begrijp nu waarom. In het Italiaans noemen ze Mozartkugeln trouwens Palle di Mozart (“ballen van Mozart”)… Typisch. 😉
  • Bezoek het kasteel Hohensalzburg, te voet. Een behoorlijke klim voor mensen uit een “pannenkoeklandje”, maar dat maakt de ervaring juist leuk – om van de euforie als je eenmaal bovenop de uitkijktoren staat, nog maar te zwijgen.

Dag 29 t/m 32

Hoe?

Ook tussen Salzburg en Frankfurt am Main rijdt een directe trein. Voor €34,40 kocht ik een ticket (met zitplaatsreservering) op de website van Deutsche Bahn – goedkoper dan via ÖBB. Vertrek om 10:00 uur, aankomst om 15:40 uur.

Waar?

Omdat ik vooraf eigenlijk niets wist over Frankfurt, boekte ik onbewust een hostel (Five Elements) middenin de beruchte rosse buurt van de stad. En dat bleek heel tof en veilig te zijn, al kan ik me goed voorstellen dat niet iedereen daar rustig zou kunnen slapen… De prijs-kwaliteitverhouding is (waarschijnlijk juist vanwege de locatie) in orde – €95,97 voor drie nachten – en als je 3 nachten of langer blijft is het ontbijt bij de prijs inbegrepen.

Tips?

  • De Frankfurt Free Alternative Walking Tour brengt je langs allerlei interessante plekken in de stad, en begint – hoe handig – één kruispunt verwijderd van het Five Elements Hostel.
  • In het Bahnhofsviertel (oftewel de rosse buurt) kun je op een aantal plekken prima eten: hamburgers bij Good Guys, Indiaas bij eatDOORi en sushi bij Sushiedo.
  • Loop zeker even door de Neue Altstadt (het oude, onlangs gerenoveerde stadshart) en langs de Mainkai, de kade van de Main. Vanaf de zuidkant heb je een mooi zicht op de skyline van Mainhattan”.

Dag 32

“Tijd om dag te zeggen!” Er rijdt een trein van Frankfurt Hauptbahnhof naar Amsterdam. Ik stapte in Arnhem over op een trein richting Breda. Al met al duurde deze laatste rit ongeveer vijf uur, inclusief een half uur overstaptijd. Ook dit ticket kocht ik via bahn.de, en het kostte €64,40.


Zo, dat was het wel zo’n beetje. 🙂

Al met al was ik (maar) €385,10 kwijt aan trein- en bustickets – tickets voor korte ritjes binnen de steden niet meegerekend – en ongeveer €580,00 aan overnachtingen. Niet veel voor een reis van 32 dagen! Daarbovenop had ik een budget van maximaal €35,- per dag ingesteld, om van te eten en leuke dingen van te doen. Op bijna alle dagen – minus twee – ben ik (ruim!) binnen dat budget gebleven, en op die twee dagen heb ik dat bedrag niet gigantisch overschreden. Tel daar nog wat souvenirs en cadeautjes bij op… Ik heb het niet héél precies bijgehouden maar ik weet zeker dat ik binnen de €2.000,- gebleven ben, all inclusive.

Nog vragen? Stel ze gerust!